Onze laatste competitiewedstrijd speelden we tegen 3-Torens V1 om des keizers baard. Promotie of degradatie speelden geen rol. We gingen voor de eer! Om 20.00 uur gingen we van start tegen de 3-TORENS uit Berkel met 4 torens op de 4 borden. Er was strijd op alle vier de borden.
Simon was als eerste klaar. Een winstpartij met een welgemeend compliment van een sterke tegenstander (rating 1824).
Ruud speelde tegen een invaller. Uit niets bleek dat dit een voordeel was. Hij zette Ruud steeds onder druk en won uiteindelijk de partij.
Mijn tegenstander opende met 1 d3. De voorbereide varianten konden toen in de prullenbak. Zijn ruil Ph4xLg6 zorgde voor een open h-lijn. Dromen van een torenoffer op h3!! Toen kwam de volgende stelling:
Mijn focus was langzamerhand gericht op het winnen van pion d3 met Thd8. Zoran (wie anders!) zag het later direct: Speel Th3! B.v. Kg1-f3: De4-Dg5; g3- Dh5. De droom blijft een droom…Gelukkig ging het eindspel wel goed met een rennende pion.
Eelko aan bord 2: “In de partij kwam ik aan het einde van de opening met een dubbelpion te zitten. Ik dacht met een mooi loperoffer op h6 de partij weer in evenwicht te kunnen krijgen. Maar mijn tegenstander wist steeds weer een zetje waardoor ik niet door kon pakken op de koningsvleugel. Even later door een verkeerde ruil kwam ik definitief achter te staan. Hopende dat mijn tegenstander toch nog ergens een steekje zou laten vallen bleef ik doorspelen tot het eind. Maar ik kon er helaas geen remise forceren en dus werd de eindstand 2-2.”
Deze remise bracht ons op de 4e plek in de rij van 7 teams, een echte middenmotor.
En: “Aan het eind van de schaakpartij gaan zowel de koning als de pion terug in dezelfde doos”.
Vele onderwerpen uit te kiezen voor het kopstuk van dit verslag: Het wonder van Overschie… Net geen stunt…Handhaving toch gelukt… De avond van de pionnen… Invallers redden het net niet… of verzin het maar.
In de hoofdklasse van de RSB waren dit seizoen veel teams aan elkaar gewaagd. Het zat het afgelopen seizoen echter ook niet mee voor ons team. Om het in eigen hand te houden moesten we de laatste ronde nog minimaal gelijk spelen tegen de beoogde kampioen Charlois Europoort 1. Tot overmaat van ramp waren er ook nog eens 5 (!) invallers nodig om het team compleet te maken. Op voorhand een zware opgave.
Bijna lukte het ons om te stunten, maar we verloren, waarmee Charlois Europoort 1 kampioen is geworden en wij afhankelijk waren van het resultaat van Spijkenisse 1- Overschie 1. Tijdens de terugreis naar Gouda kwam het bericht dat Overschie had gewonnen, en wij ons gehandhaafd hadden. Hiermee verdiende Albert Seegers een avond gratis drinken.
Lange tijd zag het tijdens de avond nog gunstig voor ons uit, we werden niet overklast en een stunt was in de maak. Helaas vielen er meerdere kwartjes de andere kant op waardoor er dus een nederlaag op het scorebord kwam. Het was de avond van de pionnen, zij bepaalden het lot van de Messemakers. In vogelvlucht:
Eelco en Jan kregen met zwart in het Fans beide 1 pion aangeboden en in het middenspel werden dit er zelfs 2. Ook Auke speelde Frans, maar dan met wit en offerde ook 1 pion, die in het middenspel wel weer terug veroverd werd. Arjan en Jeroen kwamen in het middenspel een pion achter, maar Scott en Frank wonnen juist een pion.
Ivar (1, wit) was als eerste klaar. Het eindspel met nog gelijk materiaal werd bereikt, maar een actieve Koning deed Ivar de das om.
Frank (3, wit) maakte gelijk. Een foutieve combinatie van zijn tegenstander leverde dus een pion op en Frank bouwde zijn voordeel uit, de doorloop van de vrijpion leverde de winst op.
Op dit moment boord ik, Jeroen (8, zwart) remise aan. De pion achterstand had ik net terug veroverd, maar gezien de stellingen op de overige borden kon mijn tegenstander dit remiseaanbod niet aannemen.
Arjan (5, wit) kon het eindspel van lopers van gelijke kleur met pion minder net niet remise houden en de tegenstander promoveerde net iets eerder.
Scott (6, zwart) won dus een pion, maar met lopers van ongelijke kleur was dit nog niet zo makkelijk te winnen, maar met het opspelen van de pion naar de 2e rij kwamen er toch winstkansen. De tegenstander bezweek onder deze druk en verloor op tijd.
Tussenstand 2-2, met nog volop kansen. Het ging helaas vrij snel de verkeerde kant uit.
Op het moment dat Auke (7, wit) de pion terug won, nam zijn tegenstander het initiatief over. Een stukoffer kon het tij ook niet meer keren.
Eelco (2, zwart) speelde tegen ratingkanon Julian van Overdam. Hier zijn verslag:
“Met 3 invallers in het eerste – op de eerste 3 borden- wisten we dat het niet gemakkelijk ging worden. En dat werd er niet beter op toen Julian van Overdam tegenover mij ging zitten.Hij speelde een zijlijn uit de Franse Tarasch waarbij de pion op d4 aan zwart wordt gegeven. Als echte Franse speler pak je die natuurlijk! De compensatie voor wit is dat de zwarte koning ietwat luchtig staat opgesteld:
Tot ieders verbazing bleef ik telkens de beste zet spelen. Dit kostte me wel flink meer tijd op de klok. In de volgende stelling zat ik rond de 5 minuten, maar wel op een mooi 2.0 voordeel volgens de computer:
In deze stelling ging ik echter flink de fout in met 29. .. b4?? 30. Rc7! Nxc7 31. Qd7+ Kf8 32. Bxf6.
Hier waren nog wat moeilijk-te-vinden wegen naar remise, omdat mijn koning nu wel heel erg zwak staat, en ik speelde inmiddels op increment.”
Tussenstand 4-2 achter, een nederlaag was nu niet meer af te wenden. Jan (4, zwart) maakte er nog wel 4-3 van. In een hectische openstelling -waar Jan nog niet gerokeerd had- kon het middenspel nog alle kanten op, ondanks de twee pionnen voorsprong. Maar Jan weet wel raad met lastige c.q. ingewikkelde stellingen. Na stukwinst en dreigende pionpromotie werd de winst binnen gehengeld.
Als laatste was ik dus nog bezig. Een ongebruikelijke stelling voor mij: Als paardenliefhebber had ik het loperpaar tegen het paardenpaar, en hiervoor een pion geofferd. Nadat ik de pion weer had terug gewonnen -middels het afruilen van de 2 lopers tegen de 2 paarden- moest ik in een toreneindspel alsnog weer een pion terug geven om promotie tegen te houden. Het vervolg speelde ik ook niet optimaal. Waarmee de eindstand op een 5-3 nederlaag uit kwam.
Charlois/Europoort 1
2111
Messemaker-1847 1
1951
5-3
Arnold, R.N.R. (Rhys)
2206
Rothuizen, I.Y. (Ivar)
1800
1-0
Overdam van, J.T.J. (Julian)
2402
Naarding, E.W. (Eelco)
1892
1-0
Jakhari, A.S.S. (Ansh)
2169
Michielen, F. (Frank)
1842
0-1
Tabak, S.R. (Stefan)
2122
Evengroen, J. (Jan)
2113
0-1
Ouden van den, L. (Lendert)
2123
Leij van der, A. (Arjan)
2050
1-0
Wit de, C. (Cor)
1919
Verschoor, S. (Scott)
2000
0-1
Canedo jr., J.M. (Jesus)
1960
Wilming, A.J. (Auke)
2001
1-0
Kamerman, C.G. (Gijsbert)
1990
Eijgelaar, J. (Jeroen)
1907
1-0
In de eindstand behaalde Messemaker een nipte 6e plaats:
Maar liefst 18 speler zijn voor het 1e team uitgekomen, met Scott als topscoorder. Hier de persoonlijke scores:
De Kennemer Combinatie, LSG en wij waren vooraf de favorieten in deze klasse 3D. Nou ja de Kennemers dan met hun gemiddelde rating van boven de 2100 (wat doen die in de derde klasse?). In de vorige ronde bereikten zij door een duidelijke overwinning tegen ons het kampioenschap. De wedstrijd van vandaag tegen LSG ging erom wie de tweede plaats zou opeisen. LSG had voldoende aan 4-4, wij moesten winnen.
Laat ik eerst eens wat zeggen over de randvoorwaarden. Vorig jaar speelden we hier ook, maar toen zaten we met 3 teams in de ene helft van de zaal, erg krap. Nu hadden we de hele zaal met vier teams, met veel meer ruimte. Ook de tafels waren ruim. Alles bij elkaar prettig spelen dus. Maar die borden… te klein voor de grootte van de stukken en ook liep de nerf van de borden in de breedte, zodat je het idee had dat het bord verkeerd voor je lag. Zeker in de aanbieding gekocht. Ach, als je eenmaal bezig bent, merk je het niet meer, maar LSG, als je dit leest; er is nog ruimte voor verbetering!
Ik zelf was het eerste klaar, vandaar dat ik het verslag ‘mag’ schrijven. Een zouteloze partij, waarbij ik helemaal geen inspiratie had. Het evenwicht werd geen enkele maal onderbroken in een redelijk dichtgeschoven stelling. Op de 19 e zet bood ik dan maar remise aan. Mijn tegenstander vroeg toestemming aan zijn teamleider en kwam terug met een verontschuldigend ‘ik heb een strenge teamleider’. Zo speelden we nog wat zetjes door, totdat het mijn tegenstander ook te gortig werd en met een ‘hij kan de pot op’ bood hij remise aan. Ik had wel even gekeken op de andere borden. Het zag er niet goed uit Eelco, Jan, Kees en Peter stonden niet goed (dacht ik), Henk Jan prima en bij Albert en Sjoerd kon ik er geen chocola van maken. Maar om in deze stelling door te spelen…
Snel nadat ik klaar was, won Albert. Hij speelde een moderne variant van het Slavisch (ach eigenlijk alweer 30 jaar oud of zo, ik merk dat ik oud word). In een gelijkstaande stelling liet de tegenstander van Albert plotseling zijn dame midden op het bord insluiten en konden – zoals dat zo mooi heet – ‘de stukken weer in de doos’.
Jan stond na de opening uitstekend, maar in het middenspel draaide dat om en kwam hij slecht te staan. Zijn tegenstander had de toren op de 7 e rij geplaatst en een 2 tegen 1 pionnenmeerderheid op de damevleugel. Was het wanhoop? Was het genialiteit? Maar Jan begon te lopen met zijn 2 centrumpionnen en zaaide paniek en slechte zetten bij zijn tegenstander. Een paar zetten later was het klaar. Dus denkt eraan: speel je tegen een Evengroen, dan is het pas klaar als hij je een hand heeft gegeven.
Eelco had in het middenspel een geïsoleerde damepion die vakkundig door zijn tegenstander werd gewonnen. Daarna was het vechten tegen de bierkaai en toen er nog een tweede pion afging, kon Eelco opgeven. Moedig gevochten dat wel.
Henk Jan speelde aan bord 1 een gelijk opgaande partij, tot hij in het verre middenspel de gelegenheid kreeg om zijn damepion op te laten rukken. Die zaaide dood en verderf en zijn tegenstander moest zijn paard voor de pion geven en even later was het klaar.
Kees speelde een complexe Spaanse partij stond met wit de hele tijd moeilijk dacht ik.. Zijn tegenstanders had actieve torens die de witte stelling binnen waren gedrongen. Het zag er dreigend uit, maar beiden gaven aan dat het steeds eigenlijk gelijk was. Er werd dan ook tot remise besloten. Ik heb het nagekeken maar volgens de computer was het inderdaad de hele tijd in evenwicht, met af en toe een klein voordeeltje voor zwart.
De partij van Sjoerd was naar mijn bescheiden mening het mooiste. Heel dynamisch met aan beide kanten kansen en enorm complex. Zijn tegenstander offerde een kwaliteit voor een onduidelijke aanval en Sjoerd pareerde dat door zelf met mat te dreigen. Zo was het steeds een wankel evenwicht, ook nog met flinke tijdnood. Zo hadden ze elkaar in de houtgreep en werd er tot remise besloten. Interessante partij die Sjoerd later aan zijn kleinkinderen kan vertellen. ‘Ja kinderen, en toen speelde ik Lc2’ enzovoort.
Dus het stond 4 ½ – 2 ½ voor ons. Peter stond de hele tijd moeilijk en had (dacht ik) een verloren eindspel. Zijn tegenstander had een ver opgerukte vrijpion die werd beschermd door de koning, terwijl de koning van Peter was afgesneden door de toren. Maar zijn tegenstander had de damevleugel verwaarloosd en Peter kon daar een pion winnen en zelf voor promotie gaan. Hetgeen geschiede.
De meesten van ons gingen nog uit eten in het mooie Leiden, waar het nog lang onrustig bleef.
De gedetailleerde uitslagen en de einstand in klasse 3D zijn te vinden op de KNSB-website.
De competitie begon voorspoedig met een score van 3 matchpunten uit 2 wedstrijden. Maar daarna heeft RSB-2 geen wedstrijdpunten meer behaald. Ook niet tegen Fianchetto 2. Op papier waren zij sterker, maar dat zegt niet alles. Deze keer helaas wel. Gelukkig won Ivar dit keer wel na zijn onverwachte nederlaag de vorige keer. Onderstaand enkele korte partijverslagen.
Jeroen (1, wit). Met wit speelden we Symmetrisch Engels, en 10 zetten volgens de geldende theorie (al was ik hier niet van op de hoogte). De partij bleef daarna tussen de +0,5 en -0,7 en verliep vrij saai. Na zet 22. . Te7 (zie stand) heb ik het remise aanbod aangenomen.
Mijn Toren staat “wat” ongelukkig op f3, maar zwart kan niet echt profiteren. Na bv. 23. h4 Df6 24. Pe2 wordt pion d4 onder vuur genomen. De breek-zet 25. g4?! lijkt aardig, maar hierdoor komt zwart echter in het voordeel, en mogelijk later is de breekzet c5 ook niet gunstig.
Eelco (2, zwart). Voor mij een beetje een vreemde partij. Zowel mijn tegenstander als ik deden wat dubieuze zetten, waardoor we in een stelling kwamen waar we allebei veel tijd nodig hadden om onze weg te vinden. Terwijl de rest al een zet of 40 had gedaan, waren wij nog op zet 13. Toen mijn tegenstander vanuit een iets betere positie (+0.8) remise aanbood heb ik dat dan ook maar aangenomen.
Wibo (3, wit). Tot de 20e zet ging het redelijk gelijk op, echter mijn tegenstander kreeg steeds meer het initiatief. Op de 22e zet wist ik met een verrassende paardzet het tij enigszins te keren. Gelukkig overzag mijn tegenstander de juiste riposte, anders had het tot stukverlies geleid. 7 zetten later was het wel mis toen ik een eenvoudige paardvork over het hoofd zag en een kwaliteit verloor. Vervolgens heb ik nog lang gestreden, maar mijn tegenstander wist kundig in het eindspel het kwaliteitsvoordeel in winst om te zetten.
Zoran (4, zwart). In een stelling met veel dubbelpionnen wist Zoran een kwal te winnen, hierdoor gingen echter wel een paar pionnen verloren. Het eindspel kon daarna niet meer in winst worden omgezet.
Ivar (5, wit). Na de lange rokade werd de vergiftigde g2 pion geslagen met de dame en met Td1-g1 wist Ivar deze dame te vangen.
Nick (6, zwart). Het debuut in de RSB competitie voor Nick begon moeizaam, hij kwam onder druk te staan. Hij vond knap wel de enige uitweg uit de problemen en wist het eindspel op remise te houden.
Simon (7,wit). Simon speelde een ongelukkige partij, vergiste zich en kon opgeven.
Bert (8, zwart). Voordat de partij begon, verraste ik mijn tegenstander met de mededeling dat wij al eerder tegen elkaar hadden gespeeld en wel in september 2014. Overigens is dit niet zozeer te danken aan mijn geheugen dan wel aan mijn administratie van gespeelde wedstrijden. Maar nu de partij zelf; aan het 8e bord speelde ik met zwart. In een geweigerd damegambiet gebeurde er in eerste instantie niet veel; we gingen gelijk op. Toen er complicaties op het bord kwamen, had ik veel bedenktijd nodig en langzaam aan kwam mijn tegenstander veel beter te staan (Fritz wees op een gegeven ogenblik +3.9). Een valletje verbeterde mijn positie wel tot +0,8 (toren tegen paard + 2 pionnen). Ik zat toen al met slechts 2 minuten speeltijd in een nog steeds complexe stelling. Helaas koos ik de verkeerde strategie, waardoor wit met pionnen op h6 en g7 mij dwong de onderste lijn te bewaken. Bij een schijnoffer verloor ik deze wetenschap uit het oog en liet pionpromotie op g8 toe. Einde van een enerverende partij die 3 uur en een kwartier duurde.
Fianchetto 2
1813
Messemaker 2
1809
5-3
Hoos, B.S. (Bob)
1872
Eijgelaar, J. (Jeroen)
1907
remise
Berg van den, E. (Erik)
1829
Naarding, E.W. (Eelco)
1892
remise
Riksen, B. (Ben)
1844
Bourguignon, W.B. (Wibo)
1777
1 – 0
Veld de, A.T.G.P. (Ad)
1803
Zekusic, Z. (Zoran)
1783
remise
Verlinde, Y. (Youri)
1808
Rothuizen, I.Y. (Ivar)
1800
0 – 1
Sio, C.F.H. (Kees)
1832
Schouten, N.M. (Nick)
1871
remise
Ergen, C. (Cenk)
1786
Hamelink, S.A. (Simon)
1701
1 – 0
Hlavaj, B. (Bela)
1730
Vlot, H.B. (Bert)
1743
1 – 0
Op 26 mei spelen we thuis de ‘degradatiekraker’ tegen nummer 8 van de ranglijst. Aan gelijkspel hebben we genoeg, maar dat is zeker niet ons doel!
Vorig week speelde Messemaker 1 een belangrijke wedstrijd tegen Spijkenisse 1 in de strijd tegen degradatie uit de RSB Hoofdklasse. Bij winst hadden we ons veilig kunnen stellen en was Spijkenisse gedegradeerd. Door de 4-4 einduitslag is er echter nog niets beslist. Met nog één ronde te gaan, kunnen zowel Spijkenisse, Overschie als Messemaker degraderen. Spijkenisse en Overschie treffen elkaar in de laatste ronde, terwijl Messemaker 1 op bezoek gaat bij de koploper Charlois/Europoort. Alleen met minstens een gelijkspel weten we zeker dat we niet degraderen. Dat wordt dus een flinke kluif.
De animo om een verslag te schrijven was niet groot. Gelukkig was Albert de wedstrijdleider en geven zijn aantekeningen van de avond al een goed beeld hoe de avond verliep:
21:00 uur:
Op drie borden zie ik de Pirc/Modern verdediging. Nog steeds populair dus, terwijl de moderne superengines wit al een voordeel van +1 geven. Dat zegt natuurlijk niets op ons niveau gewone stervelingen, al hadden de zwartspelers het aanvankelijk wel zwaar deze avond. Maar uiteindelijk scoorden ze wel mooi 2,5 uit 3!.
Aan het bord van Peter Scheeren viel op dat zijn tegenstander met wit lang gerokeerd had en daarna vrolijk en vrijwillig a2-a4 speelde. Maar hij had goed gezien dat de dames geruild zouden worden en toen zag a4 er opeens heel nuttig uit!
Desiree Hamelink speelde rond zet 10 de zet Pf6-g4 tegen Jan en dat bracht Jan in een lange denktank. Veel tempo’s verliezen of het loperpaar (Le3) opgeven? Jan koos voor het laatste met Dd2, maar Desiree ging – ook na lang nadenken – voor “groter wild”. Met Ld6 (ze had al een dame op c7) viel ze h2 aan. Nu ging Jan weer in de tank …
21:30 uur:
De tegenstander van Auke speelt de scherpe zet b7-b5. Dit gaat heel tactisch worden … Als Auke slaat op b5 komt Dc7! (ontpent zich en valt Pc3 aan, zou zomaar een stuk kunnen winnen). Dus Auke in de tank …
Scott kreeg in de opening met wit gratis het centrum. Maar daarna maakt zijn tegenstander het hem best lastig, speelt vlot, ruilt veel af en gaat “staan”. Maar toch nog steeds goede kansen voor Scott lijkt me.
Guido lijkt er met zwart goed in te zitten. Heeft ruimtevoordeel en pionnenmeerderheid op de damevleugel. Waar is het witte tegenspel?
Peter Y heeft het positioneel niet erg verantwoord aangepakt. Ca. 9 pionzetten van de laatste 11 zetten. Zal volgens comp wel minder staan, maar wat zegt dat?
21:50 uur:
Jan is vol het tactische gevecht aangegaan door pion h2 te offeren en komt een stuk voor tegen drie pionnen, met een open koningsstelling en de zwarte dame op bezoek. Hoe staat dit? Jan mag het uitzoeken en is daar meestal wel succesvol in.
Bij Peter S is het een zwaar positioneel gevecht. Peter is dat ten zeerste toevertrouwd, maar zijn tegenstander blijkbaar ook! Waar gaat dit naar toe?
22:00 uur:
Bernard staat stevig, de dames zijn geruild, eindspel is zijn sterke kant dus wie weet?
Peter Y staat optisch zeer slecht, zijn koning is naar f8 gedwongen met de toren nog op h8 die volledig afgesneden staat. Wit breekt het centrum open met e5! en Peter riposteert met Ph6 om met Pg4 mat te gaan dreigen. Hoe gaat dit aflopen?
Jan nog steeds in de tank … Wacht, hij speelt Ld1 (uit nood geboren), maar verdedigt goed zijn 2e rij. Nu mag Desiree weer iets gaan bedenken …
Auke kiest er wijselijk voor niet op b5 te nemen en gaat in de tegenaanval met f2-f4! Spannende stelling! Tegenstander gaat nu lang in de tank …
Sjoerd staat iets minder maar heeft wel een tijdsvoordeel op de klok.
Scott staat erg goed maar moet nog wel even opletten (vrije a-pion van zijn tegenstander).
22:15 uur:
Peter Y staat objectief verloren, maar je ziet zijn tegenstander worstelen … Die weet: (a) ik zit tegen een gigant; (b) ik sta beter, waarschijnlijk gewonnen; (c) ik moet “alleen” nog even de correcte verdediging vinden … Dit werkt verlammend, je wilt eenvoud die er niet is, je komt niet tot een zet. En hij is nu al in tijdnood …
22:30 uur:
Tijd voor een prognose: bord 1 (Peter Y) een 1, bord 2 (Bernard) een 1/2, bord 3 (Peter S) een 1/2 , bord 4 (Jan) onduidelijk, bord 5 (Guido) een 1/2, bord 6 (Auke) onduidelijk, bord 7 (Sjoerd) een 0, bord 8 (Scott) een 1. Als je voor 2x onduidelijk 1 punt rekent dan gaat Messemaker winnen met 4,5 – 3,5.
Het ging uiteindelijk natuurlijk helemaal anders: Bernard verliest, Jan en Auke verliezen en Sjoerd wint na een sterk gespeelde tweede helft! En dus 4-4 gelijkspel.
RSB-3 speelde op 7-4 tegen de koploper WSV INTERNOS.
Zij hadden tot nu toe alle wedstrijden gewonnen. Wij staan in het “rechterrijtje”. Dus dat beloofde een heftig avondje te worden…. In het begin ging het nog goed.
Ruud plaatste tegen de kopLOPER een mooi aftrekschaak met zijn LOPER met winst van de dame. Maar daarna ging het mis aan de andere borden.
Op bord 1 verloor Chris na, ik meen, een Sicilaan. (tussen twee haakjes uit een cryptogram: niet alleen schakers vrezen de Siciliaanse opening: ETNA)
Hans speelde aan bord 2 met wit. Je mag raden wat zijn openingszet was. Maar zijn tegenstander van de kopLOPER wist geen LOPER maar wel een paard te winnen. Gecombineerd met een aanval met de zware stukken eindigde dit in mat!
Zelf speelde ik aan bord 3 met zwart. De computer geeft de onderstaande stelling als ongeveer gelijk aan. Wits laatste zet is Dc3 en ik overzie zijn dreiging Df3. Td6 was noodzakelijk maar mijn zet verdiende :?? En de kopLOPER komt een LOPER voor. De stand is op dat moment 2-1 voor de tegenstander dus in plaats van op te geven ploeter ik tegen beter weten maar wat door.
Zo verliezen we helaas met 1-3. De koploper bleek een sloper.
Maar: “Aan het eind van de schaakpartij gaan zowel de koning als de pion terug in dezelfde doos”.
Op zaterdagmiddag 5 april speelden we opnieuw met drie teams van Messemaker een thuiswedstrijd in de KNSB competitie. Ons eerste team mocht het opnemen tegen het loeisterke Kennemer Combinatie 2 (gemiddelde rating 2202), die hierna ook onbedreigd kampioen zijn geworden in onze klasse 3D. Omdat Auke geplaagd wordt door een “writers block” (misschien is de kater nog niet verwerkt?) schrijf ik alsnog het verslag, waarbij ik dankbaar gebruik maak van de literaire oprispingen van Rob en Jan. Ja, het moet gezegd worden: de mensen die nooit een verslag schrijven beschikken over onvermoede kwaliteiten op dit gebied!
Jeroen speelde voor het derde team op bord 1 tegen IM Jop Delemarre, dus aanvankelijk dacht ik dat er nog een team van KC meedeed, maar Jop bleek dus voor Kasteel Lekstroom 1 te spelen (gesponsord neem ik aan). De afgelopen maanden heb ik met veel genoegen de online schaakcursus van KC gevolgd die Jop Delemarre gaf (8 groepslessen van 1,5 uur) en ik vond het leuk om hem nu even persoonlijk te kunnen bedanken hiervoor. Hij heeft me veel nuttige tips gegeven waarvan ik dankbaar gebruik hoop te maken, m.a.w. u bent gewaarschuwd!
Terug naar de wedstrijd tegen KC-2, welnu daar kan ik kort over zijn. Met de witte stukken scoorden Jan, Albert, Frans en Scott vier (plus)remises, waarbij Scott nog het dichtst bij een overwinning kwam. Bernard koos voor een gevaarlijk experiment (Dxb2 in een Siciliaanse opening) wat verkeerd afliep. Kees kwam slecht uit zijn favoriete opening, kreeg nog wel aardig tegenspel maar werd toch professioneel weggetikt. Auke was onze “last man standing”. Ook hij kwam met nadeel uit de opening, maar hield stug vol en met allebei weinig tijd stond er een spannende stelling op het bord. Zeker kansrijker voor wit, maar een fout ligt dan altijd op de loer. Zijn tegenstander speelde het echter prima uit.
Wel zeer ongelukkig was de nederlaag van Rob. We laten hem nu zelf aan het woord:
“Dit zijn dagen dat gelukzalige ontspanning kan omslaan in het donkerste zelfverwijt. Ik speelde met zwart en mijn tegenstander speelde een soort combinatie van een Londen en een Jobava Londen. Ik kwam met normale zetten uitstekend te staan met druk op de c-lijn, zie diagram.
Mijn tegenstander had bovendien een half uur meer tijd verbruikt. Ik wandelde rond, tevreden over het leven in het algemeen en mijzelf in het bijzonder. Als het niet verboden was zou ik een liedje fluitend door de speelzaal lopen. Ik kan nu gewoon 16… b7-b5 spelen en de druk verder opvoeren. Ook weer een normale zet. Maar ik had iets ‘beters’: 16… Dd8-c7??. En meteen zag ik dat hij nu wel gewoon 17.c2-c4 kan spelen, want na 17… dxc4 speelt hij 18.d5 en 19.Pd4. Ik speelde 17. …Pf6?? denkend dat na 18. c5 Le7 hij weliswaar uitstekend komt te staan op de damevleugel, maar er verder niet veel aan de hand is. Maar direct zie ik dat hij 19.Pe5 kan spelen met kwaliteit winst zonder enige compensatie. Zo jammer!”
We verloren deze wedstrijd dus met 6-2. En omdat LSG 3 vreselijk onderuit ging in Delft is het kampioenschap één ronde voor het einde al beslist in het voordeel van KC-2. In een – laten we zeggen origineel geschreven – verslag op hun website is daar kond van gedaan. Dit stukje van zelfbenoemde ‘oude lul’ Cook viel niet erg in de smaak bij onze teamleden. Maar alla, misschien zijn wij van een andere generatie … Jan reageerde op geheel eigen wijze hierop: “Ach, kampioenschap leidt soms tot waanzin. Nu als KC-2 team met paard en wagen door Haarlem. Wie weet manoeuvreert dat paard net zo slecht als mijn paard zaterdag, dan eindigt deze triomftocht in het spaarne.”
Op de valreep heeft het 3e team verassend uitgehaald met winst tegen het sterke team Kasteel Lekstroom 1. Vóór aanvang wisten we niet waar we zouden staan met het eerste seizoen van het 3e team. Na een moeizame start – we begonnen met 2 nederlagen – zijn we gefinisht met een gelijkspel en 3 overwinningen. Hiermee hebben we weg naar boven gevonden en opmerkelijk genoeg keurig de 3e plaats behaald. Met slechts 9 basisspelers en de noodzakelijke invalbeurten in het 2e zag het er niet altijd uit dat we compleet zouden zijn. Ondanks dat we slechts 1x met 7 man gespeeld hebben. Met dank aan de vele invallers hebben we de overige wedstrijden met een compleet team gespeeld. In totaal zijn er 13 spelers die zijn uitgekomen voor het 3e team. Zoran en Nick zijn zelfs in de individuele top 10 geëindigd met 4 punten op de effectieve 6e plaats van alle spelers in onze klasse. Ook de 100% score van Yoran mag er wezen.
Hier alle individuele scores:
Zekusic, Z. (Zoran) 4 uit 5, 80%
Schouten, NM (Nick) 4 uit 6, 67%
Meijeren van, Y. (Yoran) 3 uit 3, 100%
Eijgelaar, J. (Jeroen) 2,5 uit 4, 63%
Krol, HR (Hans) 2,5 uit 6, 42%
Borg, PWH (Peter) 2 uit 3, 67%
Wijhe van, J. (Jasper) 2 uit 4, 50%
Roodhorst, J. (Jonathan) 1,5 uit 5, 30%
Kraaijeveld, C. (Chris) 1 uit 1, 100%
Renes, L. (Levi) 1 uit 2, 50%
Rothuizen, IY (Ivar) 1 uit 4, 25%
Blomberg, J. (Joeri) 0 uit 1, 0%
Hamelink, SA (Simon) 0 uit 3, 0%
N.O. 0 uit 1, 0%
Totaal: 24,5 uit 48, 51%
Dan de laatste wedstrijd. Een overwinning en daarmee de 3e plaats leek op voorhand buiten ons bereik. Kasteel Lekstroom 1, tevens kampioenskandidaat, had alle wedstrijden – behalve de kampioenswedstrijd van Dort 2 – gewonnen. Ook zou Erasmus 3 – bij winst van ons team – ook moeten verliezen. Maar tja… de wonderen zijn de wereld nog niet uit. En zo gebeurde.
Ook deze keer speelden we met 2 invallers en op elk bord konden we een aanzienlijk stuk hogere Elo-rating verwachten, van grofweg 100 punten of (veel) meer. Dit ratingverschil kon je tijdens de wedstrijd er niet vanaf zien. Op 3 borden werd het al in de opening beslist. Yoran ging weer als een mes door zachte boter. Binnen no-time haalde hij het punt binnen. Nick kwam een stuk voor en Levi een stuk achter. Ook bij Hans ging het in opening hard-tegen-hard, waar uiteindelijk Hans een stuk voor 3 pionnen had geruild, of won zijn tegenstander een stuk? Bij Levi kon het stukverlies niet meer goed gemaakt worden en tegenspartelen lukte ook niet meer. Stand 1-1.
Soms zit het mee en soms zit het tegen. De tegenstander van Peter dacht een stuk achter te komen en gaf op. Dit had niet gehoeven, aldus Peter: “Door een penning meende ik een loper te winnen. Mijn tegenstander was zo verbouwereerd dat hij onmiddellijk opgaf. Hij en ik had overzien dat een tussenzet het stuk en de partij zou redden! Niet leuk voor hem, maar wel leuk om zo te winnen.”
Ook bij Jasper mogen we niet klagen. In het eindspel leek een ver opgerukte vrijpion niet meer te stoppen en daarmee een nederlaag onafwendbaar. Jasper maakte echter maximaal gebruik van een foute zet en won de partij.
Nadat ik zelf overspeeld werd en de partij met een mooi kwaliteitsoffer direct beslist werd, kwam de tussenstand 3-2 in ons voordeel op het scorebord, er gloriede aan de horizon nu kansen op teamwinst.
Hans speelde met wit weer zijn “Van Geet” opening. Niet dat ik hier veel van snap, de variant die op bord kwam had ik geen kaas van gegeten. Na een hectische opening kwam het tot een stuk voor 3 pionnen, waarvan er één een dubbele was, zie diagram na zet 16 van wit. Wie staat er beter?
Zo rond zet 27 kwam Hans echter in tijdnood, met ca. 1 min op de klok speelde hij constant op increment. Hierdoor liet hij een stuk instaan en gaf op.
Het commentaar van Hans: “Dat was weer eens een echte “van Geet” waaraan ik veel plezier beleefd heb. Dat was niet het geval wat het eindspel betreft. Dat werd een heel spannende zaak, waarbij ik de klok verkeerd bijgehouden heb. Op een gegeven moment zag ik nog ongeveer 1 minuut te hebben terwijl mijn tegenstander nog 9 minuten had. Dat werd snelschaken dus en daarbij gaf ik zomaar een stuk weg.”
Nick kwam dus in de opening al een stuk voor, maar had ook een aanzienlijke achterstand in de ontwikkeling. De rokade werd verhinderd en lange tijd speelde Nick dus zonder de toren van h8. Uiteindelijk wist hij in het eindspel het spel naar zijn hand te zetten, en dat was voldoende om de winst te noteren. Tussenstand 4-3.
Zoran bepaalde de eindstand op 4,5-3.5. In een redelijk dichtgeschoven stelling stond hij wel wat actief en met de doorbraak op de damevleugel leek er zelfs een stunt in te zitten. Dit mislukte echter. Het ontstane eindspel voelde voor Zoran net iets beter aan, maar dat was net niet voldoende voor de partijwinst, maar wel voor de teamwinst.
Messemaker 1847 3 1710
Kasteel Lekstroom 1 1886
4½-3½
Eijgelaar, J. (Jeroen) 1908
Delemarre, JA (Jop) 2391
0-1
Zekusic, Z. (Zoran) 1776
Wakkee, JC (Colijn) 2004
½ – ½
Schouten, NM (Nick)
Baas, A. (Aart) 1962
1-0
Borg, PWH (Peter) 1618
Beld van den, S. (Sierd) 1733
1-0
Meijeren van, Y. (Yoran)
Weijden van der, K. (Kevin)
1-0
Renes, L. (Levi)
Post, A. (Arie)
0-1
Wijhe van, J. (Jasper) 1625
Jansen, JAMM (Jan) 1746
1-0
Krol, HR (Hans) 1625
Klomp, L. (Lars) 1725
0-1
Zo werden we “best-off-the-rest”, waar Dordrecht en Lekstroom qua beoordeling ver boven de overige teams uitstaken.
Op zaterdag 5 april traden we aan tegen Rivierenland 1. We konden al niet meer degraderen of promoveren, dus we speelden vooral voor de eer. Door een combinatie van omstandigheden speelden we deze keer met 5 (!) invallers. Een nieuw record dit seizoen! Gelukkig lieten de invallers zich ook deze keer weer gelden. Met z’n vijven waren ze goed voor 4 bordpunten. De drie vaste spelers haalden samen ook nog eens twee punten, voor een nette 6-2 overwinning. De middag verliep als volgt:
Leslie was als eerste klaar op bord drie met een solide remise door zetherhaling. Daarna was Jonathan als eerste van de invallers klaar. Hij schrijft daar zelf over:
Als invaller voor het tweede team speelde ik op bord 7 met de zwarte stukken. Ik kreeg de Pseudo-Trompowsky (ook wel de Levitsky-aanval genoemd) op het bord: 1.d4 d5 2.Bg5. Daar heb ik niet zo veel ervaring mee, maar na … 2. Pf6 en 3. Lxf6 exf6 ontstond een pionnenstructuur die ook voorkomt in de Tartakower van de Caro-Kann. Gelukkig dus nog enigszins bekend terrein. Mijn tegenstander besloot al vroeg met de koningin op pad te gaan (Db3) voor druk op d5 en b7. Ondertussen had ik mijn twee lopers ontwikkeld. Zwart sloeg met zijn koningin op b7. Mijn pionnenstructuur aan de dame-zijde was gatenkaas, maar ik had veel stukken ontwikkeld die goed uit de voeten konden in de vrijgekomen ruimte.
Enkele zetten later in de partij bestreken mijn torens de b en e lijnen terwijl de witte koning nog niet was gerokeerd. Wit ging in de verdediging en de witte koningin belandde uiteindelijk weer op het beginveld. Dat zag er veelbelovend uit alhoewel het doorslaggevende idee nog niet voor het oprapen lag. En toen was het opeens afgelopen. Na het over en weer slaan van de pionnen op c3 en c4 met paarden, viel ik daarmee de koningin en loper aan met het idee om een eindspel in te gaan met een loper versus paard in een open stelling. Alleen liet mijn tegenstander de loper pardoes hangen wat ook tegelijkertijd een paardenvork op de koning-koningin opleverde. Einde match dus.
Saillant detail was dat mijn tegenstander bij het wegzetten van de koningin – waarbij hij de partij weggaf – remise aanbood. Dat was nogal verwarrend, maar na een paar minuten mentale rust heb ik toch het cadeau uitgepakt en het 2e team op voorsprong gezet (tussenstand 1,5-0,5).
Niet lang hierna won Simon en speelde Derek gelijk, stand 3-1. Derek speelde een moedig stuk-offer om het centrum van zijn tegenstander open te blazen, maar kon het helaas niet afmaken.
Marijn had zichzelf in de problemen gewerkt op bord twee. Optimistisch zei hij dat hij er nog wel remise uit kon slepen. Dit lukte hem, 3.5-1.5.
Op bord 1 kreeg ik het voor elkaar om op zet 11 een pion weg te blunderen. Mijn loper hing op c8 nadat hij de pion op d5 pakte met z’n paard:
Nu wel goed wakker koos ik voor de beste voorzetting met 12. .. Nc6! 13. Qxa8 Qb4+. Wit krijgt twee torens voor de dame, maar ik krijg tegenspel en een pion terug. Een paar zetten later was dit de stelling:
Mijn tegenstander en ik zagen allebei de beste voorzetting voor zwart met 17. .. Nxd4! De sterke vrijpion van wit moet eraf, en er zijn genoeg losse stukken bij wit om er een terug te winnen. Daarna werden er weinig fouten meer gemaakt aan beide kanten. Wit heeft moeite de stukken te organiseren zonder iets te laten hangen, en ik kon de witte koningsstelling opbreken, en eindigde de partij in eeuwig schaak:
25… Nxg3+ 26. fxg3 Qxg3 27. Bd5 Qxe3 28. Kg2 Qe2+. 4-2 is nu de stand.
Even later kwam Ivar de analyseruimte in, hij had ook gewonnen. Na een combinatie hield hij een vrijpion over die hij stukje bij beetje naar de overkant wist te manoeuvreren. 5-2.
Tenslotte was alleen Frank nog bezig. Hij schrijft hierover:
Mijn partij was niet bijzonder. Na de opening dreigde er niet veel en bij aanvang van het middenspel ging er heel veel materiaal van het bord. Mijn tegenstander bood remise aan op zet 18 en objectief gezien was er niet veel mis met dit aanbod. Hij had wel een geïsoleerde pion, zodat ik een doel had en hij had geen dreigingen richting mijn stelling. Het leek allemaal wel goed houdbaar voor hem en ook de computer geeft geen voordeel voor mij. Ik had wel een dilemma: ik wilde graag naar AZ- Feyenoord maar had mij al verzoend dat dit niet ging lukken, want dan moest ik vóór drie uur klaar zijn. Zodoende had ik mijn seizoenkaart al uitgeleend aan een vriend van mijn zoon, zodat zij twee naar de voetbalwedstrijd konden. Het remiseaanbod kwam om circa twee uur, zodat ik vroeg thuis kon zijn en spijt zou krijgen van het uitlenen van mijn seizoenkaart. Omdat ik wat kansjes zag en niet te vroeg thuis wilde zijn, besloot ik door te spelen. In het verloop van de partij kreeg ik wel druk op de geïsoleerde pion, maar niet voldoende. We begingen beide wat onnauwkeurigheden, maar niets doorslaggevends. Totdat mijn tegenstander op zet 37 net te onnauwkeurig speelde en een pion verloor, gevolgd door een tweede pion. Hierna gaf hij op, hoewel ik nog best wat moest doen voor de winst, maar die zou ik waarschijnlijk wel binnenhalen. Het was intussen bijna 4 uur en ik was als laatste klaar. De voetbalwedstrijd kon ik niet halen, maar de winst had ik binnen. AZ verloor helaas.
6-2 is zo de eindstand (voor Messemaker 2, niet AZ). Een goede middag voor ons invaller-talrijke team!
Maandag 24 maart speelden we uit tegen Erasmus 3. Op papier een makkie: onze gemiddelde Elo-rating was 100 punten hoger (160 punten oude rating). Maar we kwamen bedrogen uit. We verloren en flink ook met 5½-2½. Enkele teamgenoten zaten na hun partij vertwijfeld met hun handen in het haar. Normaliter stroomt mijn mailbox vol met mooie partijverslagen, maar het bleef nu opvallend stil. Alleen Zoran wist aan de algehele malaise te ontsnappen, hij won als enige zijn partij. Chapeau voor de spelers van Erasmus 3.