(door Rob van de Walle)
Of moet de titel luiden: ‘Eerste kampioen in de 4 e klasse seizoen ’26 – ’27 bekend’?
Een half bordpunt te weinig om ons te handhaven: dat is de zure conclusie die we moesten trekken na de nederlaag van 4 ½ – 3 ½ ( de derde keer dat we deze uitslag maakten) tegen HWP Sas van Gent 2. We wisten aan het begin van het seizoen dat na het vertrek en afzeggen van enkele sterke spelers het moeilijker zou worden, maar dit was toch echt onnodig. De onverwachte nederlaag tegen (het toen op de laatste plaats staande) Goes in de vorige ronde, waar toen opeens van alles mis ging, heeft ons toch genekt.
Zeeuws-Vlaanderen, dat is toch een andere wereld. Waar we hier in het Westen het vaak moeten doen met rommelige buurthuizen met fanfarekorpsen in een belendende zaal en koffie uit een thermosfles, was Sluiskil een verademing. Veel parkeergelegenheid, een prachtige ruime speelzaal, een goede bar en analyseruimte. Ikzelf zag het helemaal zitten en zeker na een analyse van de ratings: dit moet lukken. Maar het liep anders.
Op bord 8 was Kees als eerste klaar. Kees liet toe dat de h-lijn open ging (zijn tegenstander had nog niet gerokeerd) en kreeg een aanval op zijn koning over zich heen. Na het verliezen van de h-pion was het snel voorbij.
Sjoerd op bord 1 kon spelen tegen de geïsoleerde d-pion van zijn tegenstander, maar overzag een trucje waardoor hij twee paarden tegen een toren won, maar ook nog een pion verloor waarbij zijn tegenstander zeer actieve torens had. Hij wist het nog net remise te houden.
Scott op bord 7 speelde een puike partij. Nimzo-Indisch waarbij een paard van zijn tegenstander op c3 belandde en gedekt moest worden met een pion op d4. Scott wist goed de druk erop te houden. Achteraf bleek het allemaal theorie te zijn geweest. Zijn tegenstander moest nauwkeurig spelen en vergaloppeerde zich toen hij zijn paard naar g4 speelde, terwijl zijn loper al op h3 stond. Scott maakte het keurig af. De stand was weer gelijk.
Ondertussen zag het er op de andere borden niet goed uit. Zoals gewoonlijk dit seizoen, stond Auke goed, maar Peter had een dode remisestelling (daar had ik toch op een vol punt
gerekend), Erik stond vanaf de opening al slecht en Jan overzag een standaard truc in een stelling waarbij (ook alweer) zijn tegenstander een geïsoleerde d-pion had: paard op e5, dame op e2, toren op e1 en dan slaan met het paard op f7. Bernard had een gelijke stelling. Hierdoor zag het er al met al slecht uit.
Ondertussen was Auke klaar. Hij had de afwikkeling van het middenspel beter beoordeeld dan zijn tegenstander en kwam in een D+2T eindspel waarbij hij met zijn torens op de 7 e rij kwam, twee pionnen won en uiteindelijk kon kiezen op welke manier hij de genadeklap ging uitdelen.
Jan had zich herpakt en wist van nog van niets iets te maken en leek zelfs te kunnen winnen. Bij het bord staande zagen we allemaal niet hoe wit zich nog kon redden, maar de witspeler vond de enige zet die niet verloor en slaagde erin de dames te ruilen, waarna het uit was.
Erik kwam uit de opening verkrampt te staan met twee passieve lopers en een kreupel paard. Hij offerde een pion op de damevleugel om ruimte te krijgen, waar zijn tegenstander niet op in ging, zodat hij daar niets bereikte. Toen offerde hij een paard tegen 2 centrumpionnen om zich te bevrijden, maar afgezien van dat zijn tegenstander een open koningsstelling had, waren er weinig aanknopingspunten. Toch leek Erik er nog iets van te kunnen maken, dreigde met twee verbonden vrijpionnen, maar zijn tegenstander verdedigde goed en trok de partij uiteindelijk naar zich toe. Als niet-spelend teamlid leer je nog wat over je collega’s: dat handschrift van Erik. Totaal onleesbaar! Moest ik elke keer omlopen om te zien wat zijn tegenstander had genoteerd om de partij goed te kunnen volgen.
Bleven over de partijen van Peter en Bernard. Peter kreeg Hollands tegen zich waarbij zwart er eerst in slaagde e5 te spelen en daarna ook zijn zwakke d-pion te ruilen. De stelling was helemaal dood. Achteraf bleek er voor Peter nog iets in gezeten te hebben:

Ome Fritz geeft een fantastische variant vanuit deze stelling: 1.Pe6 Txd2 2.Txd2 Da5 3.Lxg7+ Kg8 4.b4 Dxb4 5.Td4, waarna zwart het beste voortzet met 5…Te8 6.Txb4 Pxb4 met een waardering van +0.80. Tja dat moet je ook maar zien.
Peter probeerde er in het eindspel nog iets van te maken, maar zijn tegenstander verdedigde goed, waardoor het remise werd.
En dan bleef, met de stand 4-3 nog de partij van Bernard over. De dames waren er in de opening al afgegaan en er ontstond een eindspel waarbij Bernard een 2-1 meerderheid op de damevleugel had, maar de koning en paard van zijn tegenstander waren daar succesvol aan het rommelen. Er was niets van te maken en Bernard moest berusten in remise. De degradatie was een feit. En dan moet je nog twee uur terug in de auto hè.
















