Leidens Onzet

(door Albert Segers)

Op 3 oktober 1574 werd Leiden ontzet, na een langdurige en slopende bezetting door de Spanjaarden. Dit feit wordt nog steeds jaarlijks herdacht met haring en wittebrood, wat toentertijd de uitgemergelde bewoners weer enigszins op de been hielp.

Bijna 450 jaar later, op 7 oktober 2023, bestormden twee Goudse troepen het bolwerk Philidor Leiden. Na zware strijd moesten de Gouwenaren afdruipen met een flink aantal bloedneuzen (Messemaker-1 5½-2½ verlies) en een blauw oog (Messemaker-2 4-4 gelijkspel). Gelukkig bracht een geslaagde maaltijd bij de plaatselijke Chinees nog enige troost en verlichting voor beide Goudse teams.

Dit verslag richt zich verder op de slachtpartij die plaatsvond tussen Philidor Leiden 1 en Messemaker 1.

Aanvankelijk zag het er allemaal nog goed uit. Op het tweede bord kwam Peter S na ongeveer 2,5 uur spelen remise overeen, in een partij die door zijn tegenstander met wit rustig was opgezet en het evenwicht werd ook nooit verbroken. Op dat moment zag het ernaar uit dat Jan en Albert vrijwel zeker zouden gaan winnen. En op de overige borden waren er ook genoeg lichtpunten om vertrouwen te hebben in de eindzege.

Jan en Albert hadden allebei een toreneindspel met pluspion bereikt, wat ze daarna ook vlot over de streep trokken. Jan bracht met zwart spelend een verrassend stuk(schijn)offer wat hem een gunstige stelling opleverde. En Albert had met wit een leuke koningsaanval waarbij de enige winstweg een koningsmars naar h5 inhield.

Kees (met wit) en Scott (met zwart) konden het helaas niet bolwerken. Beiden speelden een prima gelijk opgaande partij, maar één fout c.q. ongelukkige zet resulteerde in pionverlies wat daarna niet meer te repareren bleek. Hiermee was de tussenstand 2½ – 2½.

De resterende drie borden verliepen echter nogal dramatisch voor Messemaker. Ed speelde met wit op bord 1 en had in de opening duidelijk voordeel bereikt. Maar langzaam maar zeker raakte hij het spoor bijster en verloor een aantal pionnen, waarvoor hij ondanks flink aandringen onvoldoende compensatie kreeg.

En bijzonder zuur was het resultaat in Ben’s partij. Die speelde echt een hele sterke pot met zwart: goede opening en een geslaagde koningsaanval, wat hem uiteindelijk een zeer gunstig eindspel opleverde met toren plus gevaarlijke vrijpionnen tegen twee stukken. Maar hierin miste hij door vermoeidheid een paar winnende afwikkelingen. En als klapstuk verloor hij zijn toren door een ordinaire paardvork.

Erik speelde een super spannende en super ingewikkelde partij. Hij stond op een gegeven moment enorm dominant met aanvalsstukken tegen de zwarte koning in het midden, en gevaarlijk opstomende vrijpionnen. Daar had hij op een gegeven moment wel een hele toren voor geofferd! Naar eigen zeggen hebben beiden één of zelfs meerdere winsten gemist. Uiteindelijk wist de zwartspeler alle klippen te omzeilen, werden stukken geruild en was er uiteindelijk ook geen eeuwig schaak meer.

Dus uiteindelijk een ruim uitgevallen nederlaag, waar echt meer in gezeten heeft!

Alle detailuitslagen zijn te vinden op de KNSB-website (scroll naar klasse 2B).

Messemaker 1 wint eerste wedstrijd in KNSB-competitie

Messemaker 1 heeft afgelopen zaterdag in de eerste ronde van de KNSB-competitie van Sliedrecht gewonnen met 4,5 – 3,5. Daarmee is het team de nieuwe competitie goed van start gegaan.

Plaats van handeling was deze keer de Ajour-boerderij in Gouda (denksportcentrum De Hoog was niet beschikbaar vanwege een daar plaatsvindende – en naar later bleek geslaagde – poging om het wereldrecord simultaan dammen te verbeteren). Frank Michielen speelde de rol van waarnemend wedstrijdleider.

Het was een spannende wedstrijd. Messemaker kwam al vroeg met 2-0 achter door snelle nederlagen van Peter Ypma (op bord 1) en Ben van Geffen (op bord 8). Maar gaandeweg haalde Messemaker dat weer in door gedegen overwinningen van Jan en Henk-Jan Evengroen en “vecht”- overwinningen van Peter Scheeren en Erik Hennink. Na de nederlaag van Bernard Evengroen moest Ed Roering nog lang hard werken om het benodigde halve punt binnen te halen, wat uiteindelijk lukte.

Zie voor de detailuitslagen de KNSB-website (scroll naar Klasse 2B).

KNSB-team 1 sluit seizoen af met tweede plaats

In de laatste ronde van de KNSB-competitie was de eerste plaats voor Messemaker 1 niet meer haalbaar. Tegen BSG 1 (Bussums Schaakgenootschap) konden we nog wel strijden voor de eer en om de tweede plaats (BSG stond één matchpunt voor op Messemaker).

Met een knappe en krappe 4,5-3,5 winst legden we inderdaad beslag op de tweede plaats!

Als wedstrijdleider hoop je natuurlijk dat de wedstrijd zonder incidenten verloopt, maar in het verloop van de dag verdiende dat echter niet de schoonheidsprijs. Het begon al direct met de klok bij Peter Ypma. Hier werd er niet de 30 seconden bonus toegevoegd bij elke zet. Later bij de tijdcontrole bij Wim bleek er hier niet genoeg tijd bij gekomen. Tenslotte was er het incident bij Albert, die in de eerste tijdnoodfase niet zijn zetten noteerde. Gelukkig konden we alle partijen verder zonder gevolgen voortzetten.

Drie partijen waren zeer snel klaar. Allereerst Jan, die net na 1 uur speeltijd in een Franse partij tegen een ongebruikelijke opzet (met een dubbelfianchetto) aankeek, en na 13 zetten een remise aanbod accepteerde (0,5-0,5). Ook Ed speelde een korte partij, na 15 zetjes zette hij ons op voorsprong. Nadat de juiste voortzetting niet werd gespeeld greep Ed zijn kans, een “verloren” dame op f5 en een koning nog op e8 werden een prooi voor het paard van c3, dat via b5 op d6 familieschaak kon geven (1,5-0,5). Peter Y maakte de stand echter weer gelijk. Een partij van Peter is voor mij normaal gesproken al niet te volgen en zo ook nu niet. Deze keer greep hij wel aan het kortste eind en verloor: een paard kwam ook hier de stelling binnen met familieschaak, deze keer op de toren (1,5-1,5).

Nu was het lang wachten op de volgende uitslag.

De tweede Franse partij was die van Frans. Na de centrumuitruil en daarna in het middenspel ook de afruil van de zware stukken, bleef er een gelijke stelling met lopers van ongelijke kleur over, met remise als resultaat (2-2).

Erik heeft een ongelukkig seizoen en dat was deze ronde dan ook niet anders. In een stelling met tegengestelde rokades ging Erik ten aanval met de g- en h pionnen, waar zijn tegenstander dat met de a- en b pionnen deed. De aanval van Erik stokte en die van zijn tegenstander niet (2-3).

Ook nu was het weer lang wachten op de volgende uitslag. De drie overgebleven partijen gingen door na de tijdcontrole en het kon nog een lange zit gaan worden.

Peter S wist middels actief spel en een “verdwaalde” zwarte dame op a7 een pion te winnen en wist dit naar het eindspel van paard en pluspion tegen een loper te tillen. Niet eenvoudig, maar dat is wel aan Peter toevertrouwd. Tegen vijf uur bracht hij met de winst de stand weer gelijk op 3-3. Hiermee is  hij met 6,5 uit 8 topscorer van het team geworden.

Vlak hierna maakte Albert remise. Ook hier stelden beide spelers de rokade lange tijd uit, waar Albert met de opmars van de g-pion, gedekt door Tg1, begon. Op de damevleugel zocht zijn tegenstander tegenspel. In de vliegende tijdnoodfase offerde Albert vervolgens een paard, waarna een chaotische fase aanbrak. Het stuk werd teruggewonnen, maar er ontstond een pionnenwedloop. Albert miste vervolgens de winst: zijn kwaliteitsoffer was niet nodig geweest. De partij eindigde in remise. (3,5-3,5).

Hier was dus het incident bij Albert, die in de eerste tijdnoodfase niet zijn zetten noteerde en ik als wedstrijdleider niet ingreep. Gelukkig noteerde Albert in het vervolg wel zijn zetten en werd er door zijn tegenstander in het vervolg geen bezwaar meer aangetekend.

De laatste partij was die van Wim, die moest invallen voor Henk-Jan. Ook hier kwam een Franse partij op het bord. De lichte stukken gingen in de doos, waarna ik het even moeilijk inzag voor Wim. Zijn tegenstander verdubbelde op de halfopen f-lijn en na Th5 ging Wim dan ook in de denktank. Hij besloot na 17 minuten dat de witte dreiging met g6 afdoende gepareerd kon worden en snoepte vervolgens een pion op a2. In het dame-eindspel met een pion meer viel er vervolgens via een aantal schaakjes nog een witte pion. Ook het resulterende dame-eindspel was een lastig eindspel, wat wel aan Wim is toevertrouwd. In de eindstelling kon Wim dameruil afdwingen en een gewonnen stelling overhouden. Even na 5 uur was de winst binnen: 4,5-3,5.

BordMessemaker 1847RatingBSGRating
1.Heemskerk, W. (Wim)2151Poel van der, H. (Henk)22261 – 0
2.Hennink, E. (Erik)2142Heijden van der, A.C. (Ton)22800 – 1
3.Ypma, P. (Peter)2297Groote de, E. (Ewoud)22080 – 1
4.Scheeren, P.M.J. (Peter)2347Groote de, J. (Jesper)21891 – 0
5.Evengroen, J. (Jan)2118Grondsma, M.B. (Mark)2113½ – ½
6.Roering, P.W.E. (Ed)2159Brouwer, R. (Rein)20931 – 0
7.Bottenberg, F.A. (Frans)2016Hilhorst, R. (Ruben)1975½ – ½
8.Segers, A.J. (Albert)1952Brouwer, T. (Timon)2056½ – ½
Gemiddelde Rating:2148Gemiddelde Rating:21434½-3½

Een mooie afsluiter van het bewogen seizoen, met o.a. vier maal een 4,5-3,5 winst en twee nederlagen was deze tweede plaats het hoogste haalbare. Volgend jaar nieuwe kansen.

De eindstand in onze klasse en de persoonlijke resultaten:

KNSB-team 1 wint opnieuw en staat nog steeds derde

(door Peter Scheeren)

Op 1 april moest Messemaker 1 aantreden in en tegen Rijswijk De beide Evengroenen moesten verstek laten gaan, maar dat konden zij met een gerust hart doen omdat er voor het team – behalve de eer – niets meer op het spel stond (promoveren en degraderen kon niet meer). Dat laatste gold ook voor onze reeds gedegradeerde tegenstanders, die tot nu toe slechts één matchpunt hadden behaald.

Messemaker was dus favoriet, maar het had niet veel gescheeld of Rijswijk had één of twee matchpunten aan deze wedstrijd overgehouden. Het werd uiteindelijk 3,5-4,5 in het voordeel van Messemaker. Daarmee staat het team nog steeds derde op de ranglijst van Klasse 2C en met de wedstrijd tegen de nummer 2 (BSG) nog in het verschiet is zelfs een tweede plaats in de eindstand op papier nog haalbaar.

Voor de detailuitslagen zie de KNSB-website.

Het smalle pad naar winst voor Messemaker KNSB-team 1

(door Albert Segers)

Met Dordrecht troffen we op zaterdag 11 maart een underdog aan die flink van zich afbeet. Ondanks het grote rating surplus voor Messemaker was het een zware wedstrijd die maar net aan gewonnen werd. De rode draad in dit verslag zijn de geitenpaadjes naar winst en remise.

In mijn vorige verslag schreef ik dat toeval niet bestaat. Dat moest natuurlijk zijn “Toeval bestaat wel degelijk!”. Waren het de vorige keer opmerkelijke analogieën in de twee Segers partijen, deze keer was er een opvallende overeenkomst in de twee ‘Evergreen’ partijen. Zowel Jan als Henk-Jan offerde een volle toren, wat in beide gevallen niet helemaal correct maar wel effectief bleek. In hun geval kan er misschien een logische verklaring gevonden worden in de DNA overeenkomst. Maar ik zie wel een zorgwekkende progressie in het ‘risicobereidheid’ gen. Dat belooft wat als straks de derde generatie achter het bord gaat plaatsnemen …

Op bord 1 was er een korte maar hevige clash tussen de twee IM’s. Peter S. speelde met zwart tegen Mark Timmermans (2404). Hij wilde graag revanche voor zijn nederlaag (met wit) tegen Mark in de RSB-competitie van enkele maanden geleden. Deze keer had Peter zich wel voorbereid, maar na wits 4.h4!? bevond hij zich toch op onbekend terrein. Na ruim de tijd genomen te hebben voor de eerste 10 zetten (dat gold overigens voor beide spelers) was hij heel tevreden over de bereikte stelling. Maar toen speelde Mark een voor hem bekend – maar voor Peter verrassend – schijnoffer. De schade viel gelukkig mee, Peter kon direct daarna afwikkelen naar een ongeveer gelijke stelling, en op zet 23 werd de vrede getekend. Peter: “Ik was deze keer als allereerste klaar, voor mij een vreemde gewaarwording!”

In de partij van Frans op bord 7 (met zwart) tegen Piet Pluymert (1973) was er een spannend moment. Wit had een paard op e5 geposteerd en het is altijd een uitdaging hoe je zo’n sterke knol moet neutraliseren. De “oplossing” van Frans met 11…Pg4 was echter een blunder. Als wit direct 12.e4! had gespeeld, zou er in alle varianten door een dubbele aanval een stuk verloren gaan. Zijn tegenstander speelde het gelukkig pas één zet later en toen was door de tussentijdse ruil een cruciale dubbelaanval eruit gehaald. Frans vond trefzeker het oog van de naald en kroop daar opgelucht doorheen. Hierna werd het evenwicht niet meer verbroken. In de slotstelling stond Frans een fractie beter, maar gezien de stand op de overige borden was remise op dat moment een goed resultaat.

Jan speelde met wit weer een leuke Siciliaanse pot tegen ‘good old’ Joop de Jong (1925), waarin hij een duidelijke plus verwierf. En toen toverde Jan het “briljante” 19. Txa6?! op het bord. Echt een zet van Tal waarmee je de tegenstander het donkere bos inlokt en waarbij er slechts een smal pad voor één van de spelers overblijft om te overleven. Zijn tegenstander geloofde hem en dat leverde dus een gratis pluspion op in betere stelling. Aanname van het torenoffer zou betekend hebben dat zwart (na een combinatie van vier zetten diep) zijn dame moest geven (dat was mooi gezien van Jan!), maar daar zou zwart wel twee torens en een loper voor gekregen hebben. Met slechts twee pluspionnen van Jan daar tegenover geeft de computer het voordeel aan zwart. Maar zijn moed werd beloond en Jan haalde de buit bekwaam binnen.

Voor de partij van Erik aan bord 4 (met zwart) tegen Jacques Hennekes (2034) zou ik helaas letterlijk de tekst uit mijn vorige verslag kunnen kopiëren. Erik mist dit externe seizoen duidelijk zijn goede vorm. Ook nu kwam hij gewonnen te staan, maar het ging toch helemaal mis. Zijn tegenstander had wel wat dreigingen als compensatie voor twee pionnen achterstand, maar dat was normaliter geen probleem geweest. Erik had vooruitberekend dat zijn koning een vluchtveld had, maar dit bleek een geitenpaadje wat letterlijk doodliep. Zijn koning stond hierna klem en werd enkele zetten later alsnog gewurgd.

Albert beleefde een zeldzaam droomscenario. Met wit aan bord 6 tegen Roland van Keeken (2037) verkreeg hij na de opening een stelling waarin zwart geen tegenspel had en hijzelf wel een duidelijk plan had om verder te komen. Daar kwam nog bij dat zijn tegenstander heel lang nadacht (na 21 zetten nog 6 minuten op de klok). Met een pionnenstorm op de koningsvleugel werd weliswaar het ingesloten paard van zwart op h7 opgelost, maar daarmee kwam wel het schootsveld vrij gericht op de zwarte koning. Roland miste nog een geitenpaadje om de ergste schade af te wenden, maar zoals het ging was het na 31 zetten ondekbaar mat.

Het grote spektakelstuk tekende zich af op bord 3, waar Henk-Jan het met zwart opnam tegen Rik de Wilde (2188). What’s in a name!. In een obscure zijvariant van een scherpe opening ging het op een gegeven moment helemaal los! Hier geen subtiliteiten en smalle paadjes, maar woeste golven en baren in een moerasgebied waarin de vaste grond bezaaid lag met mijnen. Toen het mis dreigde te gaan besloot Henk-Jan tot een torenoffer wat hem zeker praktische kansen bood. Heel knap van beide spelers was dat ze lange tijd zetten bleven doen waarbij de computer waardering min of meer gelijk bleef (weliswaar in wits voordeel). En dat in zo’n scherpe en ingewikkelde stelling! Op een gegeven moment bezweek wit toch enigszins onder de druk en kwam Henk-Jan gewonnen te staan. Op zijn beurt haalde hij daar ook niet het maximale uit. Uiteindelijk resulteerde een dame eindspel waarin de materiele balans op wonderlijke wijze weer helemaal hersteld was! Remise was de uitslag waar beide spelers vrede mee konden hebben.

Op bord 4 sleepte Ed met wit een belangrijk punt binnen tegen John van de Laar (1800). Zijn eigen conclusies waren: “Mijn tegenstander speelde de opening te passief, waarna ik steeds het initiatief kon houden. Na dameruil won ik uiteindelijk een pion. Dat kon op 2 manieren, maar ik koos de iets mindere variant. Ook daarna maakte mijn tegenstander me het echter niet moeilijk. Leuk was nog wel mijn (hoewel niet nodig) loperoffer voor 1 pion. Daarna zou ik ook zijn 2 andere koningsvleugelpionnen hebben gewonnen, waarna ik altijd 3 verbonden pionnen tegen een paard had overgehouden. Mijn tegenstander deed echter nog iets slechters waarna hij het direct kon opgeven.”

Hiermee was de overwinning binnen. Als enige was Peter Y. nog bezig (bord 2 met wit) en die had het zwaar. In het middenspel had zijn tegenstander Lennard den Boer (2129) een stuk geofferd voor drie pionnen. Dit resulteerde in een stelling met T+L+P+4pi voor Peter, en T+L+7pi voor zwart. In eerste instantie beoordeelt de computer het als iets kansrijker voor wit, en zo schatte Peter het ook in. Echter één onnauwkeurige zet maakte de kansen al gelijk en daarna kwam zwart langzaam maar zeker beter te staan. De pionnenwals bleek heel moeilijk te stoppen. Het smalle pad werd onbegaanbaar en Peter kon op een gegeven moment alleen nog ademen door een rietje. Dat houd je niet lang vol natuurlijk en uit waardering voor het spel van zijn tegenstander liet Peter zich genereus mat zetten.

Door deze nuttige overwinning met 4½ – 3½ staan we nog steeds op een gedeelde derde plek, samen met het vermaledijde Sliedrecht (met clubgenoot Arjan van der Leij in de gelederen). Die blijven het goed doen! De onderlinge ontmoeting hebben we gewonnen en zij hebben een zwaarder programma voor de boeg. Dus dat moet goedkomen!

Foutenfestival nekt KNSB-team Messemaker-1

(door Albert segers)

In de uitwedstrijd van ons eerste KNSB team op zaterdag 11 februari tegen de Capelse SchaakVereniging, kwam de ontnuchterende waarheid weer eens aan het licht: “Schaken is een spel van fouten maken”. Partijen die verloren hadden moeten worden werden gewonnen of geremiseerd, partijen die gewonnen stonden werden verloren of verzandden eveneens in remise. Waarbij de eindbalans uiteindelijk in ons nadeel uitviel. De meeste partijen waren wel spannende en meeslepende gevechten. Met als uitzondering de wat technischer Segers & Segers partijen. Ja, toeval bestaat niet!

Laten we de borden maar eens langslopen. Gewapend met de computeranalyse kan deze kiebitzer rustig zijn genadeloze oordelen vellen …

Peter Y (bord 1 met wit) overzag of onderschatte (?) een sterke tussenzet van Jeffrey van Vliet (2381) en kwam een pion achter. De stelling was lange tijd verloren, maar in de tijdnoodfase miste Jeffrey op zijn beurt een mooie tactische wending waardoor Peter de pion terugwon en een duidelijk betere stelling overhield. Nog lang op winst gespeeld, maar toen de teamnederlaag een feit was berustte Peter in de remise (½-½).

Sjoerd (bord 2 met zwart) viel in voor Peter S (die helaas verhinderd was wegens ziekte) en mocht het opnemen tegen Leon Koster (2250). Dat beloofde dus een zware middag te worden voor hem. Maar Sjoerd speelde fris van de lever zijn eigen spel, een scherpe Siciliaan, en bood prima partij. Zijn tegenstander speelde het sterk, ging voor maximale activiteit tegen de zwarte koning in het midden. Hoewel de stelling met een witte dame tegen de twee torens van Sjoerd nog niet zo duidelijk leek, bewees wit uiteindelijk zijn gelijk (0).

Erik (bord 3 met wit) speelt een heel ongelukkig seizoen. Met wit gaat hij er altijd voor, in de scherpe hoofdvarianten. En zo hoort het ook, zeker op zijn leeftijd J. Deze middag kwam hij, dankzij sterke voorbereiding denk ik, totaal gewonnen te staan tegen Paul Schrama (2190) die ook goed op de hoogte was gezien zijn snelle spel. Op zet 16 offert zwart een kwaliteit, wat allemaal nog bekend is! Maar daarna gaat hij niet goed verder en komt Erik enkele zetten later met sterk spel totaal gewonnen te staan. En dan gaat het opeens mis: waar 24.De2 een stellingsvoordeel van +4.00 geeft, levert het gespeelde 24.Db3 slechts een voordeel van +0.60 op. Dat scheelt een slok op een borrel! Hierna ging het langzaam maar zeker bergafwaarts voor Erik. Helaas een harde en zure (0).

Op bord 4 zagen we ook een mooi en meeslepend gevecht tussen Henk-Jan (met zwart) en Mark Trimp (2135). Beiden deden niet voor elkaar onder in het wederzijds naar de keel vliegen op de koningsvleugel. Helaas zag Henk-Jan net even te laat de verraderlijke kracht van de manoeuvre Dd1-f3-h3 over het hoofd en moest spoedig de handdoek werpen (0).

Wim (bord 5 met wit) zie ik als de slapende schaakreus. Maar owee als je deze man echt prikkelt. Hij vond het prima dat Roel Trimp (2041) zijn koning kietelde met aanvalszetjes, terwijl hij zelf rustig verder ging met zijn strategische verwurging. Maar dat dreigde – naar Wim’s eigen zeggen – op een gegeven moment mis te gaan. Roel speelde sowieso een goede partij, lekker actief met zwart. Op zet 25 geeft mijn computer de beruchte waardering 0.00. M.a.w. gelijke kansen, onduidelijk, zoek het lekker zelf uit. Daarna werd het rommelig. Roel speelt 25… De8? met het op zich goede idee van Dg6, hiervan was Wim zodanig onder de indruk dat hij zijn eigen dame terug- en omspeelde, terwijl 26.h4! een computerwaardering van +2.00 geeft. Dat bedoel ik dus, het spel is gewoon te moeilijk voor ons. In de tactische slagwisseling die volgde in de tijdnoodfase had Wim duidelijk de overhand. Hij won een stuk en aan het eind ook nog de dame (1).

Ed (bord 6 met zwart) verloor heel ongelukkig tegen Reinoud Segers (2036). Ik ken Reinoud niet persoonlijk, we zijn ook geen directe familie van elkaar voor zover we weten, maar hij vond het wel leuk om bij aanvang te melden dat zijn zoon Albert heet. Wit speelde vanaf het begin consequent op de geïsoleerde zwarte d-pion. Ed speelde dit prima tegen en had de stelling probleemloos kunnen houden (comp geeft slechts een voordeel van +0.10). Maar in tijdnood deed Ed helaas een actieve zet die tactisch afgestraft werd met pionverlies. Het eindspel was daarna moeilijk te houden, maar stug verdedigen en de beperkte tijd boden zeker nog remisekansen. Het mocht helaas niet zo zijn (0).

Op bord 7 zat het ons weer erg mee. Jan speelde met wit tegen Jan Peter Bogers (1988) en had het zwaar na de opening. Hij verloor een pion waarvoor hij eigenlijk onvoldoende compensatie had. Dat realiseerde Jan zich terdege en speelde daarom zo scherp mogelijk verder, om de zaak zoveel mogelijk te compliceren. Dat is ook echt wel zijn handelsmerk weet ik uit eigen ervaring. Zij tegenstander pakte een tweede pion en werd toen getrakteerd op een sterk torenoffer van Jan wat de partij helemaal deed kantelen. De stelling was eerst nog onduidelijk, maar één foute zet van zwart werd hem direct fataal. Hier kwamen wij dus best goed weg (1).

Albert (bord 8 met zwart) kwam wat moeizaam uit de opening tegen Jessica Derksen-Harmsen (2073), onder haar meisjesnaam bekend als oud-kampioene van Nederland. Hij moest (net als Ed) ook op zoek naar compensatie voor zijn geïsoleerde d-pion. Dat lukte uiteindelijk met enig kunst- en vliegwerk. Waarbij gezegd moet worden dat wit ook niet echt doorpakte. In het toreneindspel stond het gelijk, op één moment na waarin wit in een soort zetdwang was geraakt. Ik had toen eenvoudig een pion kunnen winnen met grote winstkansen, wit had namelijk geen tegenspel. Toen ik die kans jammerlijk miste was het potremise. (½-½)

Door deze nederlaag met 5-3 staan we nu op een gedeelde derde plek, met vijf punten achterstand op koploper VAS. Op de heenweg hadden Erik en ik het er nog over dat we niet meer naar beneden hoefden te kijken dit seizoen, maar alleen omhoog. De grote vraag is waarheen we nu moeten kijken? Naar links en naar rechts misschien? Laten we in elk geval ernaar streven om de broederstrijd met Sliedrecht in ons voordeel te beslechten. Het is ten slotte altijd goed om een sportief doel voor ogen te hebben.

Gelijkspel voor Messemaker 1 in KNSB-competitie

In de derde ronde van de KNSB-competitie moest Messemaker 1 in een thuiswedstrijd aantreden tegen Philidor Leiden, een van de sterkste teams in klasse 2C. De vooruitzichten waren niet zo goed: er moest met diverse invallers gespeeld worden en bovendien had Peter Ypma al in een vooruit gespeelde partij verloren. Maar desondanks slaagde het team erin om een 4-4 gelijkspel te behalen, vooral dankzij het “sterke middenrif” van Ed Roering en Wim Heemskerk die beiden een vol punt scoorden. Ook vermeldenswaard is dat Kees Brinkers, bij een stand 3,5-3,5, als laatste nog heel lang hardnekkig bezig was om een eindspel van Toren tegen Toren+Paard remise te houden, hetgeen na zo’n veertig zetten heen en weer schuiven inderdaad lukte. Al met al een prima prestatie van het team.

Zie voor de detailuitslagen en de standen in klasse 2C de KNSB-website.

KNSB-competitie: verlies voor team 1, winst voor team 2

Zaterdag 8 oktober speelden beide Messaker-teams in de KNSB-competitie een thuiswedstrijd. Voor team 1 was dat haar tweede wedstrijd, voor team 2 de eerste. Team 1 moest tegen het sterke VAS uit Amsterdam en wist het net niet te redden: de uitslag werd 3,5-4,5 voor VAS. Zie het verslag van de Amsterdamse club op VAS-website. Van de wedstrijd van team 2 kregen we onderstaand verslag van Jeroen Eijgelaar. Verder zijn alle detailuitslagen van beide teams (en hun concurrenten) te vinden op de KNSB-website (zie klasse 2C en klasse 5H).

Het 2de KNSB-team is goed uit de start blokken gekomen (door Jeroen Eijgelaar)

Tegen Erasmus 2 heeft Messemaker 2 met 6-2 gewonnen, zonder ook maar één partij te verliezen. Na afwezigheid – door Corona – is dit jaar het tweede team weer opgestart in de KNSB competitie. Ingedeeld in de 5de klasse mochten we gelijk tegen een gelijkwaardige tegenstander aantreden. Een aantal spelers maakten gelijk hun debuut, en deden het meteen goed. Dat belooft wat voor de rest van het seizoen.

Debutant Ivar was als eerste klaar: veel stukken geruild en geen muziek meer in de stelling 0,5-0,5.

Zoran en Simon waren flink ten aanval getrokken, en vrij snel sloeg hun aanval beslissend door: Zoran door de Koning onder vuur te nemen en Simon door de tegenstander vast te zetten op de onderste 2 rijen: 2,5-0,5 .

Zelf  leek ik initiatief te hebben, maar dat viel nog tegen. Twee zetten lang was het zelfs volgens Ome Fritz verloren. Deze zetten kwamen niet op het bord en met remise mocht ik niet klagen (3-1).

Debutant Raphaël speelde een complexe partij waar stukwinst hem de winst opleverde (4-1).

Kopman Kees kreeg geen overwicht en de balans werd niet verstoord en de teamwinst werd zo wel binnengehaald (4,5-1,5).

Debutant Bart, zette de partij voorzichtig op. Langzaam verbeterde hij zijn stelling en voerde de druk op, zijn tegenstaander kon het lang bolwerken, maar bezweek uiteindelijk (5,5-1,5).

Als laatste was Leslie nog bezig. Hij was met pionverlies uit de opening gekomen en een ver opgerukte vrijpion leek hem de das om te doen. Maar middels een knap staaltje verdedigend werk haalde hij alsnog een remise en bepaalde de eindstand op 6-2.

Al met al een iets geflatteerde uitslag, maar we zijn op de goede weg!

BordErasmus 2RatingMessemaker 1847 2RatingUitslag
1Verhoeven, L.J. (Leo)1881Brinkers, C.P. (Kees)1982½ – ½
2Hoenderdaal van ’t, M.J. (Joop)1846Putten van, B.J. (Bart)19360 – 1
3Korte de, J.A. (Jan)1809Eijgelaar, J. (Jeroen)1786½ – ½
4Landsheer, J. (Jeroen)1701Tjoo, T.P. (Leslie)1738½ – ½
5Meerkerk van, J. (Jaap)1713Zekusic, Z. (Zoran)16210 – 1
6Brobbel, J.J.W. (Hans)1656Hamelink, S.A. (Simon)00 – 1
7Neef de, K. (Karel)1591Rothuizen, I.Y. (Ivar)0½ – ½
8As van, C.J. (Cor)1553Willemstein, R.P.D. (Raphaël)12960 – 1
Gemiddelde Rating:1719Gemiddelde Rating:17272-6