Vorig seizoen was Messemaker winnaar van de RSB-bekercompetitie. Dit seizoen was Messemaker de eerste ronde vrijgeloot. In de tweede ronde moest Messemaker aantreden in Nieuwerkerk a/d IJssel tegen de plaatselijke (kleine) schaakvereniging. Het Messemaker-team was op volle oorlogssterkte opgekomen en was dan ook zwaar favoriet tegen de bescheiden thuisclub, maar in een bekerwedstrijd weet je het maar nooit. Er werd nog gerefereerd aan een bekerwedstrijd van jaren geleden waarin Messemaker het in een uitwedstrijd moest opnemen tegen landskampioen En Passant en toen tegen alle ratingverwachtingen in met 0-4 won!
Deze keer bleef een dergelijke verrassing uit en won Messemaker overtuigend met 3,5-0,5.
Jan Evengroen was al eerste klaar. Zijn tegenstander speelde de opening (Modern Defence) origineel, maar dat wil nog niet zeggen dat dat goed was. Nadat Jan eerst een verzwakking met f7-f6 had afgedwongen stortte even later de zwarte stelling door de zwakke pion op e6 in elkaar.
Ook Peter Ypma had een gemakkelijke avond. Zijn tegenstander kwam in de opening al snel in de problemen en moest zijn stukken heel ongelukkig neerzetten om direct materiaalverlies te vermijden. Dat kon natuurlijk niet goed gaan en dat ging het dan ook niet.
Erik Hennink had het lastiger. Hij offerde met zwart in de opening een pion (dat in de theorie bekend was), maar worstelde erg lang om voldoende compensatie te krijgen. Na een afwikkeling naar een toreneindspel leek het min of meer gelijk te staan, maar nadat Erik een pion wist te winnen leken de kansen keren. Helaas voor Erik wist zijn tegenstander na torenruil in het resterende pionneneindspel de enige remiseweg te vinden.
Tenslotte ikzelf. Nadat lange tijd alle stukken op het bord bleven (alleen een stel paarden was geruild) ontstond er op het bord een “zenuwblokje” (witte pionnen e4 en f4 tegenover zwarte pionnen op e5 en f5), dat geruime tijd intact bleef. Op een gunstig moment kon ik met zwart dat zenuwblokje opheffen en verkreeg ik het loperpaar, waarbij tevens de witte pionnenstelling verzwakt werd. Dat leverde mij pionwinst op, maar daarvoor moest ik wel afwikkelen naar een eindspel met ongelijke lopers (met ieder nog een toren erbij), dat nog niet zo gemakkelijk gewonnen leek. Na enige aarzeling vond ik echter het goede plan en wist ik het eindspel tot winst te voeren.
Aldus een ruime overwinning voor Messemaker en het team bekert verder in de derde ronde.
Messemaker heeft in de afgelopen twee maanden meegedaan aan het landelijke initiatief “NLschaakt”. Met dit initiatief zijn er door het hele land schaakcursussen verzorgd voor huisschakers, in twee varianten: één voor echte beginners en één voor licht gevorderden. In Gouda verzorgde Messemaker gedurende zes weken een cursus voor licht gevorderden. Mede vanwege het enthousiasme van de deelnemers hieraan (zeven personen) heeft Messemaker op 11 december een klein trainingstoernooitje georganiseerd voor deze cursisten, waarin zij het mochten opnemen tegen enkele Messemaker-leden. De deelnemers (zes cursisten, vijf Messemaker-leden en één gast) werden hierbij verdeeld over drie vierkampen. De uitslagen staan hieronder. Voor de groepswinnaars waren er kleine prijsjes beschikbaar. Het was leuk om te zien hoe de “huissschakers” zich kranig weerden tegen de Messemaker-leden en het was dan ook een zeer geslaagd evenement.
Schaakclub Bodegraven heeft op vrijdagavond 29 december haar jaarlijkse massakamp tegen Schaakclub Woerden op het programma staan. Omdat S.C. Bodegraven niet zoveel leden heeft zijn er aan de Bodegraafse kant plaatsen vrij voor Messemaker-leden (of die nu wel of niet in Bodegraven wonen maakt niet uit). De wedstrijd is daarom omgedoopt tot “Massakamp Utrecht – Zuid-Holland“. De speellocatie is dit jaar in Woerden (adres: Veste 29), aanvang 20.00 uur, aanwezig zijn om 19.45 uur.
Het traditionele Pepernotentoernooi was ook dit jaar weer een succes. Met veel enthousiasme probeerden de 56 (!) kinden zoveel mogelijk pepernoten (of eigenlijk: kruidnoten) te sparen. Absolute winnaar was Jesse die aan het eind van de avond maar liefst 75 pepernoten verzameld had. Maar iedereen had wel pepernoten over om mee naar huis te nemen en belangrijker nog: iedereen had zich deze avond prima vermaakt, zoals ook blijkt uit onderstaande foto’s (met dank aan de moeders van Polo en Gideon die als fotograaf gefungeerd hebben).
De externe wedstrijd tegen Dordrecht begon met spanning lang voordat de wedstrijd zelf van start was gegaan. 24 uur voordat de wedstrijd begon meldde Bert Vlot zich ziek. Wibo, in de hoop een sterkere speeler te vinden, kwam naar de schaakclub om een vervanger te vinden. Eelko Naarding was beschikbaar en Wibo was opgelucht naar huis gegaan. Voor Eelko was dit een grote uitdaging: di twas zijn eerste externe westrijd sinds 2005 toen Eelko als jongeman van 17 een externe westrijd had beleefd.
Als je denk dat de spanning daarmee opgelost was , dan moet je verder lezen.
5 uur voordat we als team naar Dordrecht vertrokken kreeg ik bericht dat Wibo ziek was en dat ik (Zoran) als reserve-teamcaptain werd ingeschakeld. Ik had slechts een paar uurtjes de tijd om een geschikte invaller te vinden. Snel haalde ik de lijst met personen die mogen meedoen met ons tweede RSB-team, met telefoonnummers en telefoon op de tafel en startte met bellen. 2 uur tijd voor het vertrektijdstip had ik nog geen persoon gevonden. Ik snapte wel dat het kort dag was en dat mensen andere afspraken hadden, maar toch bleef ik zoeken. 1,5 uur voor vertrek gaf ik het op. We zouden met 7 man gaan naar een wedstrijd wetend dat deze wedstrijd daarmee zo goed als verloren was. Opstelling gemaakt en alles klaargezet en dan plotseling kreeg ik een telefoontje van Johan Slobbe. Ik had een vraag voor hem: wat doe je vanavond? Johan wist dat ik in een noodsituatie was beland en na een kort overleg stemde Johan ermee in om mee te doen als achtste speler. Johan is een nieuwe speler bij Messemaker en met weinig ervaring, maar hij heeft goede resultaten geboekt bij ons derde RSB3-team. Ik was opgelucht en maakte snel een nieuwe opstelling. Om een kans geven aan Johan had ik hem op bord 8 gezet. Alles was geregeld op tijd, alles was nu in orde, tenminste dat dacht ik.
De echte spanning kwam eraan, of beter gezegd, we gingen naar een spannende wedstrijd toe. Met kleine vertraging door de files op de snelwegen (Feijenoord had ook een spannende wedstrijd deze avond) kwamen we net op tijd bij onze bestemming en de wedstrijd kon beginnen.
Na iets meer dan een uur kwam Johan met winnend nieuws: het eerste punt voor Messemaker.
Johan over zijn partij op bord 8:
Zoran belde of ik kon invallen, en als geboren en getogen Zwijndrechtenaar laat ik de kans niet voorbij gaan om een Dordtse Schapenkop te scheren. En zo geschiedde.De opponent zette beide lopers in fianchetto en speelde tamelijk passief. Het lukte om lang te rokeren en ik dacht dat ik daarmee meer kansen zou hebben. Mijn lopers, koningin en torens waren daarmee goed richting zijn koning te zetten. Na paard e4 stond ik voor een keus. Na wat rekenen besloot ik fxg3. Ik kon het niet laten. Ik dacht dat het misschien niet de beste zet zou zijn (wat blijkt te kloppen), maar zeker wel de leukste, dat het praktische kansen zou bieden en voor mijn opponent hoofdpijn. Dat risico betaalde uit. De opponent struikelde door wat zetten door elkaar te halen. Een snelle 0-1, Hierbij de partij:
Een half uur later kwam Albert-Jan op bord 7 met een remise (0,5 – 1,5).
Ruud op bord 6 speelde ook een remise. We stonden nu voor met 1 – 2, met de eerste vijf borden nog in het spel.
Ivar op bord 3 verloor zijn partij, waarmee het 2-2 werd.
Eelko op bord 2 had een goede positie maar het werd toch remise (2,5-2,5).
Frank op bord 1 wist een mooi punt te behalen voor het team (2,5-3,5): Ik (met wit) kreeg met een Pirc te maken. Ik had lange tijd wel iets meer ruimte, maar het voordeel was minimaal. Nadat de koningsvleugel aan beide zijden werd geopend, had ik meer initiatief en moest mijn tegenstander nauwkeurig verdedigen. In de partij dacht ik dat hij te voorzichtig was, maar volgens de computer kon het allemaal nog net. Het werd langzamerhand toch lastig voor hem en toen na dameruil mijn toren op de zevende rij binnenkwam ging het snel. Hij liet zich sportief matzetten.
Maar Simon op bord 4 moest zijn koning neerleggen (3,5-3,5).
Tenslotte Zoran op bord 5: Ik had als tegenstander Arend van Grootheest. Een mooie partij met veel variatie en combinatie en een goede opening van beide kanten. Het lukte me om pionnen naar voren te brengen en daarmee zijn loper en paard op te sluiten, zijn koningin kon ook slechts beperkt beweging maken. Aan mijn kant was meer ruimte en met twee paarden op c5 en g5 had mijn tegenstander veel problemen. Mijn vrij pion op e5 werd tegenhouden met zijn loper op e6. Zet per zet lukte het me om een vrijpion op f6 te zetten. Ik was zeker dat ik winst in mijn handen had en als mijn tegenstander remise aangeboden zou hebben dan zou ik deze zeker hebben afgewezen. Mijn concentratie was op de vrijpionnen e5 en f6, en daardoor zag ik een kleine fout niet, pip kleine fout die me in de problemen bracht en tenslotte moest ik mijn koning neerleggen. Het is zwaar als je partij bijna gewonnen is en je laat de controle uit je hand gaan en verliest , en extra zwaar wordt dat als je team door die partij de wedstrijd verliest.
Afgelopen maandag verloor het eerste RSB van Fianchetto 1. De uitslag van 3-5 had nog groter kunnen uitpakken.
Het begon gelijk al niet goed: Nog voor 21:00 uur kon ik opgeven, Ik kan het alleen omschrijven als schaakblindheid.
Stelling na de 11e zet van wit. Na 11. ..- Pa5? 12. Dxb4 gaf ik op.
Wellicht kan ik troost vinden dat ook andere spelers dit weleens overkomt: Betreft de KNSB Beker wedstrijd dd 20-11-23. Een stukje uit het verslag op de site van SV Erasmus tussen Erik (wit) en Gert Timmerman (zwart):
“Afgeleid door de herrie aan de bar bedacht hij welke volgende zet hij wilde gaan spelen nadat hij een witte loper terug had geslagen. Een zet die hij vervolgens deed, vóórdat hij de witte loper terug had geslagen… Au… En zo stonden we na ongeveer 5 minuten spelen al met 1-0 achter.” Zie voor het volledige verslag van die wedstrijd de website van Erasmus.
Na een rondje langs de borden werd mijn stemming er niet beter op. Op diverse borden stonden we ook al “wat minder”, al vrij snel pionverlies bij Bernard en Sjoerd, actief tegenspel bij Scott en Jan. alleen Auke kon bogen op een gunstige stelling.
De partijen van Peter Y en Henk-Jan waren nog onduidelijk. We moesten er nog flink aan gaan trekken om nog tot een resultaat te komen.
Scott en Jan moesten diep in de denktank en volop in de verdediging. De doorbraak in het centrum werd Jan fataal en bij Scott marcheerden 3 vijandelijke stukken de stelling binnen. 0-3 achter, Oei-oei. Dat wordt een lastig verhaal.
Henk-Jan speelde een wildwest-variant met het hele bord in vuur en vlam, en dit bleef de gehele partij een spektakel stuk. Vooral van de zet Pb6 kun je als “neutrale” toeschouwer genieten. Uiteindelijk na wat onnauwkeurigheden van beide spelers won Henk-Jan de partij, mede door de tijdnood van zijn tegenstander.
Auke leverde (bijna) weer een partij uit één stuk af, eerst een pion voor en dit werden er zelfs drie. Nog wel even lastig om het eindspel van lopers van ongelijke kleur te winnen, maar dat lukte. 2-3 achter. Achteraf bezien konden beide spelers het ergens wel beter doen, maar ja, we zijn ook maar mensen en gelukkig geen computers
Sjoerd keek dus lange tijd tegen een pion achterstand aan. Het lukte hem echter toch om binnen te komen in de zwarte stelling en met uitgedund materiaal trok hij de stelling weer in evenwicht. Gezien de stelling op het bord zat er daarna niet meer in dan remise.
Ook Bernard kreeg het zwaar te verduren, met een gebroken pionnenstructuur, een pion minder en de vrije doorloop van de b-pion leek verlies onafwendbaar. Door stug en actief te verdedigen sleepte hij er toch nog een remise uit. 3-4.
Peter Y was als laatste nog bezig, aan hem de taak om nog voor de 4-4 te zorgen. De partij kende wat ups en downs en Peter probeerde nog van alles, maar het mocht niet meer baten.
Met beide benen weer op de grond aangekomen zijn we nog steeds in de race voor het kampioenschap, maar dat is nu wel een stuk lastiger geworden.
Afgelopen zaterdag 25 november reisde ons eerste team af naar Spijkenisse voor de vierde ronde in de KSNB-competitie. Na twee verlieswedstrijden en één minimale overwinning, begon de noodzaak aan matchpunten te groeien. Dit zou niet makkelijk worden omdat Spijkenisse degradant is uit de eerste klasse en de eerste twee ronden overtuigend had gewonnen. Door een oneven aantal teams in de competitie heeft Spijkenisse op dit moment één wedstrijd minder gespeeld.
Als toeschouwer ter plaatse zag ik het aan het begin van de wedstrijd redelijk rooskleurig in. Van sommige stellingen moest ik toegeven dat ik er niet veel van snapte. Dat schatte ik maar in als gelijkwaardig. Als eerste zag ik voordeel op de borden van Peter Ypma en Jan Evengroen:
Bord 3: Peter Ypma vs Maurits van der Linden 1 – 0 Op zet 10 had ik al vier zetten met mijn dame gespeeld. Dat is vaak niet zo’n goed teken en mijn openingsvoordeel was ik op dat punt dan ook kwijt. Gelukkig was mijn tegenstander het ook even kwijt en met wat hulp won ik een kwaliteit. Daarna was het nog een technische klus, maar door een paar keer de meest actieve voortzetting te kiezen, wist ik het tegenspel te minimaliseren en het punt binnen te halen.
Bord 5: Jan Evengroen vs Semen Minyeyevtsev 1 – 0 Mijn tegenstander kwam met een plusje uit de opening, hiertegenover stond een enorm tijdvoordeel op een bepaald moment zelfs 40 minuten. Vanuit een complexe stelling wist ik dit voordeel te verzilveren met een mooie matcombinatie.
Ik kan me de precieze volgorde van de score niet goed herinneren. Al snel scoorde Spijkenisse op het tweede bord, zodat de scores weer dichter bij elkaar kwamen. Henk-Jan speelde een stelling waar ik zelf niet zo veel van begreep. Helaas was de aanname dat het dan wel ongeveer gelijkwaardig zou zijn onterecht.
Bord 2: Ricardo Klepke vs Henk-Jan Evengroen 1 – 0 Met zwart kreeg ik een zij-variant van het konings-indisch tegen mij. Hierbij koos ik voor wat vreemde zetten die ervoor zorgde dat ik erg gedrongen kwam te staan. Wit kiest daarbij een opstelling vanuit het damegambiet met pionnen op c4, d4, e4 en f3. Met alle lichte stukken erachter biedt dat ruimtevoordeel en in mijn optiek weinig mogelijkheid voor plannen voor zwart. In de complicaties die ontstonden toen Ricardo voordeel wilde behalen kwamen er nog kansen om een gelijke stelling te behalen, maar helaas wist ik die niet te vinden.
Met nog 5 partijen te gaan met mijn inschatting dat alle partijen redelijk gelijk opgingen, was er goede moed op winst. Helaas begon de wedstrijd de verkeerde kant op te gaan.
Bord 4: Thijs van Dam vs Ed Roering 0,5 – 0,5 Mijn tegenstander had op zet 7 al groot voordeel kunnen krijgen in een ongebruikelijke zetvolgorde in de opening. Toen hij dat niet deed bleef de stelling tot het einde min of meer in evenwicht. Met allebei weinig tijd had ik het hem op het einde wel iets moeilijker kunnen maken, maar objectief was het niet veel.
In het partijverslag vestigt Ed zijn hoop op PSV. Ik kan niet ontkennen dat de situatie van de Eindhovenaren er rooskleuriger uitziet dan dat van ons. Want terwijl we met een paar man in de analyse de winst voor Ed zochten (en niet vonden), begon het tij te keren.
Bord 6: Maxim le Clerq vs Albert Segers 1 – 0 Mijn partij was een mooi positioneel gevecht. Het ging erom of het sterke witte centrum van mijn tegenstander ondermijnd kon worden met actief spel van mijn kant. Dat lukte aardig, maar op het moment dat ik in het voordeel kon komen maakte ik een lelijke fout, waardoor mijn stelling in één klap onhoudbaar werd.
Bord 7: Ben van Geffen vs Job Verheul 0 – 1 Op bord 7 zag ik een stelling voor Ben dat vrij snel naar een eindspel met uitsluitend alle zware stukken ging. In mijn inschatting ging het gelijk op en mijn vermoeden was dat dit ook snel in een remise zou eindigen. Echter kwam ook Ben helaas met slecht nieuws de analyseruimte binnen. Zoals Ben later beschreef:
In mijn partij speelde zwart een zijvariant van de Caro-Kann, die ik niet goed kende. Nu wel, maar daar heb ik niets aan. Ik speelde iets te slap. Zwart ontwikkelde enig initiatief en kwam niet ongevaarlijk opzetten. Op zet 21 én op zet 22 kon ik met f2-f3 remise maken. Ik zag dat wel, maar stelde het uit. Onbegrijpelijk! Helaas verloor ik daarna kansloos.
Op dit moment stonden we van een voorsprong opeens met 3,5 – 2,5 achter. Aan Peter en Kees de schone, maar verre van makkelijke taak om de nog minimaal 1,5 en liefst 2 punten binnen te halen.
Als eerste begon Kees zijn stelling meer duidelijkheid te bieden. Onderstaande diagram in het verslag van Kees kwam ook op het moment van de achterstand op het bord.
Bord 8 Joey Brokaar – Kees Brinkers 0,5 – 0,5 Na een partij zonder veel wetenswaardigheden ontstond na 51 zetten deze stelling. Stelling na 51…Td6-d7
De stand is materieel gelijk, maar zwart staat duidelijk beter door zijn ruimtevoordeel, betere koningspositie en vrije d-pion. Maar hoe nu verder? Er is geen route voor de zwarte koning om de witte stelling binnen te dringen. Als de zwarte pion oprukt naar d3 blijven toren en loper gebonden aan de verdediging van de pion. Wit in tempodwang brengen zit er ook niet in, want de witte loper kan vrijelijk tussen e4 en g6/h7 heen en weer pendelen. Omdat ik geen mogelijkheid zag om verder te komen, accepteerde ik hier het remisevoorstel van mijn tegenstander. Ik stond er dan ook wel even van te kijken toen ik bij thuiskomst zag dat Stockfish de stelling als ruim gewonnen voor zwart beoordeelde met +5,4! De winstweg is als volgt: zwart begint met de d-pion op te spelen, gaat met de toren naar de c-lijn en speelt vervolgens Lc4-b3! om op c2 binnen te vallen. De grap is dat zwart dan de d-pion offert om met de toren binnen te komen op c2. Een voorbeeld: 52.Lg6 d3 53.Le4 Tc7 54.Lg6 Lb3! 55.Txd3 Lc2! 56.Td6 Lxg6 57.Txg6 Tc2+ en zwart wint.
Kees beschrijft in zijn verslag dat er blijkbaar een winst is gemist. Bij het samenvoegen van dit verslag herken ik de verbazing die Kees beschrijft, want in mijn herinnering heeft geen van de spelers die al klaar waren deze winnende combinatie gezien.
Hiermee kwam de hoop op Peter te liggen die op het eerste bord alleen met een overwinning een 4 – 4 kon afdwingen.
Bord 1: Peter Scheeren vs Daniël Zevenhuizen Ik haalde met wit minder dan niets uit de opening en mijn tegenstander kreeg het initiatief. Toen het na stug verdedigen van mijn kant even niet verder ging, probeerde hij in de tijdnoodfase ijzer met handen te breken met een kwaliteitsoffer, maar dat werkte averechts en behalve die kwaliteit kreeg ik ook het initiatief. Dat werd hem uiteindelijk fataal en zodoende kon ik de eindstand laten bepalen op 4-4.
Met dubbele gevoelens vertrokken we weer uit Spijkenisse. Enerzijds waren er goede mogelijkheden geweest om deze wedstrijd te winnen. Anderzijds was het zeker niet onmogelijk om zonder matchpunten te vertrekken. Nu is het zaak ons op te maken voor de volgende wedstrijd. De behoefte aan het scoren van matchpunten blijft onverminderd groot, maar dat zal ook tegen CSV zeker niet gemakkelijk zijn.
Maandag 4 december is er voor de Messemaker-jeugd weer het jaarlijkse Pepernotentoernooi. Dat betekent weer volop pret met allerlei doldwaze schaakregels en natuurlijk héél veel pepernoten (of kruid-noten). Ook broertjes, zusjes, vriendjes en vriendinnetjes die kunnen schaken zijn die avond van harte welkom. Aanvang is zoals altijd om 18.45 uur.
Tegen VAS 5 werd een “billenknijpende” 3,5-4,5 overwinning behaald. Op papier is VAS 5 een ongeveer gelijkwaardig team als Philidor Leiden 4, waarmee vooraf weer een overwinning ingeschat werd. Het liep echter anders.
Het begon al niet goed: We reden nog voor Amsterdam de file in en na het zoeken van een parkeerplek à 32 Euro – ja, beste lezers, parkeren in Amsterdam is niet goedkoop – kwamen we net een paar minuten te laat bij de zaal aan. Hier aangekomen ging de deur niet open. Er stonden al meerdere mensen te wachten en dit zwengelde verder aan, gezien er meerdere spelers, ook van andere teams nog aansloten in de rij achter ons. Uiteindelijk konden we naar binnen.
We speelden in de aula van het Cygnus Gymnasium waar maar liefst 9 (!) teams van VAS en hun tegenstanders achter de borden plaats namen. Wij werden nog naar een andere plaats verhuisd, aangezien de tegenstanders van VAS 1 niet aan de “hogere” tafels wilden spelen. Aan ons werd echter niets gevraagd. Achteraf kan ik mij daar wel iets bij voorstellen. Deze hoge tafels, met stoelen zonder rugleuning, zijn niet ideaal om 6 uur lang een wedstrijd schaak te spelen.
Na al deze vertragingen konden we toch beginnen. Het verliep in eerste instantie moeizaam, na ruim 2 uur spelen waren bijna alle borden nog in evenwicht. Een 4-4 hing zomaar in de lucht.
Simon was het eerste klaar. Na wat afruilen bleef zijn partij in evenwicht.
Hierna leek het in ons voordeel om te slaan: Ivar, was door actief spel een stuk voorgekomen. Raphaël stond –tijdelijk – ook twee pionnen voor. Op de overige borden was het nog min of meer gelijkwaardig.
Sjoerd liet daarna het volle punt aantekenen, door passief verdedigen van zijn tegenstander kon Sjoerd een aanval plaatsen met mat als gevolg.
Frans had wel wat activiteit vanuit de opening, en toen ook de a-pion gratis opgehaald kon worden maakte Frans het vakkundig af. Zou het dan toch weer een grote overwinning worden?
Het liep toch echter anders. Ivar misrekende zich in het tegenhouden van het promotie-veld en moest een volle toren inleveren. Zelf ging ik bewust in een penning staan, met als doel een stuk, of pion te winnen. Maar dat was een misrekening aangezien ik eerst nog mat achter de paaltjes moest oplossen en ik raakte twee pionnen achter. We konden beiden daarna het niet meer bolwerken zodat de tussenstand 2,5-2,5 werd.
Het werd nu billenknijpen of we wel met de team winst naar huis konden gaan, of überhaupt een gelijkspel uit het vuur konden halen.
De stelling bij Raphael was complex en de twee pionnen voordeel moesten weer worden ingeleverd, waarmee de remise een feit werd. Tussenstand 3-3 en een gelijkspel hing opnieuw in de lucht.
Scott leek aan het kortste eind te trekken na een afruil waar de dame weliswaar werd buitgemaakt, echter ten koste van drie stukken. Optisch zou dit niet voldoende moeten zijn, maar door een aantal matdreigingen in de stelling te vlechten zag zijn tegenstander niets anders dan remise, wat uiteraard door Scott werd aangenomen.
Leslie raapte in het middenspel pardoes een vol stuk op, en we telden de winst al enige tijd. Leslie maakte het zich zelf nog erg lastig en was als allerlaatste van alle spelers van alle 18 teams nog bezig. Het punt kwam niet in gevaar, maar het duurde ongeveer 100 zetjes. Na meer dan een uur extra zwoegen en bijna de volledige bedenktijd gingen we toch opgelucht met de teamwinst huiswaarts.
Vrijdag 24 november vond de derde speelavond plaats van de Groene Hart Jeugd Cup (GHJC). Alle Messemaker-teams hadden die avond een thuiswedstrijd. Er moesten deze keer zeer veel invallers opgetrommeld worden door afwezigheid van velen (om uiteenlopende redenen), maar mede door last-minute invallen van Rover en Job konden de Messemaker-teams toch compleet aan de start verschijnen.
Voor team 1 was de ambitie deze keer – na tweemaal achtereen gedegradeerd te zijn – om de poule te winnen en daardoor weer te promoveren. Dat lukte glansrijk: met een totaalscore van 10 punten uit 12 partijen werd het team overtuigend winnaar van poule 4A.
Voor team 2 – twee klassen hoger spelend dan team 1 (!) en met invallers spelend – was de verwachting dat het team een moeilijke avond zou hebben. Dat viel echter mee en het team wist zich met een score van 3,5 ui t12 nog net te handhaven in poule 2A, een prima resultaat.
Team 3 tenslotte had eveneens een invaller (Jesper), maar desondanks wist dit team zich ook te handhaven (in poule 5A) met een score van 5,5 uit 12. Goed gedaan jongens!
Hieronder een paar sfeerplaatjes van de wedstrijden. Alle uitslagen zijn te vinden op de GHJC-website.