Kampioenskansen van RSB team-1 krimpen

(door Albert Segers)

De kampioenskansen van ons eerste RSB-team zijn flink gekrompen in Krimpen. Nu ook de uitslag van RSR Ivoren Toren binnen is, kunnen we beter zeggen dat de hoop van Auke is “verschrompeld” tot een nietig ashoopje. Er is de laatste weken wat zand in de motor geraakt van onze RSB teams. Het tweede team had een paar weken geleden ook al een totale OFF-day tegen Pascal waardoor ze geheel onnodig de koppositie verloren in klasse 2B. Alleen ons derde team weet zich aan deze malaise te onttrekken en ligt – met nog slechts één ronde te gaan – fier op ramkoers voor het kampioenschap: zij hebben alle zes wedstrijden gewonnen!

Na een vlotte heenreis naar Krimpen a/d IJssel kwamen we aan bij de speellocatie getiteld “De vrolijke vogelclub” oid. Nou ja, schakers zijn soms vreemde vogels en soms ook best wel vrolijk. We werden bij aankomst vriendelijk welkom geheten door onze clubgenoot Remko. Maar even later kwam de aap uit de mouw … Hij zou eerst WL zijn, maar viel op het laatste moment alsnog in voor Krimpen en dat hebben we geweten …

Het duurde vrij lang voordat er enige tekening in de wedstrijd kwam. Vrijwel alle stellingen leken, hoe interessant ze er ook uitzagen, gelijke kansen te bieden.

Guido (met zwart) wint als eerste zijn partij tegen ‘good old’ Joop Huijzer. Het was vrij origineel openingsspel van beide kanten, het ging lange tijd ook gelijk op, maar Guido kreeg op zet 25 toch een winnend initiatief op de damevleugel. En dat maakte hij overtuigend af.

Ikzelf (Albert) speelde met wit een moeizame partij. Ik heb eigenlijk geen moment het gevoel gehad dat ik ‘in control’ was. De opening was in dit kader ook bijzonder illustratief: wat begon als een Pirc/Modern ging via een Philidor over naar een hybride Italiaanse Spanjaard en mondde uit – geloof het of niet – in een onvervalste Konings-Indiër met de bekende wederzijdse aanval op de flanken. Dat laatste wilde ik eigenlijk vermijden (ik ben tenslotte geen 1.d4 speler) maar voelde me uiteindelijk toch gedwongen daartoe. De stelling bleef steeds wel oké voor wit, maar het ontbrak me dus aan een goed (consistent) plan. En op het kritieke moment dacht ik lang na over twee mogelijkheden en koos toen natuurlijk de verliezende zet. Maar zeker ook credits voor mijn tegenstander die het vlot en handig heeft gespeeld.

Scott moest het opnemen tegen clubgenoot Remko. Die had geen enkele schroom om Messemaker pijn te doen en speelde zoals gewoonlijk zijn scherpe tactische spel. Scott ging in op het pionoffer van Remko en stond toen volgens de comp wel iets beter, maar Remko had goede compensatie en Scott ging helaas al snel de fout in. Remko won niet allen de pionnen terug, maar had ook nog steeds de veel actievere stukken. Dit maakte Remko overtuigend en in stijl af.

Zodoende kwamen we dus op achterstand (1-2). Maar de stellingen van Peter, Kees en Jan beloofden de volle 3 punten. Auke stond in principe verloren, maar een remise van Rob (die op dat moment wel minder stond) zou ons alsnog aan de overwinning kunnen helpen.

Peter met wit bereikte geen echt voordeel vanuit de opening en in het middenspel (hij heeft volgens de comp ook enige tijd wat minder gestaan), maar wist uiteindelijk toch een “rotte kies” op c5 aan te boren. De druk werd flink opgevoerd en toen ging zijn tegenstander de fout in waardoor hij niet één maar twee pionnen ging verliezen. Dat was al snel onhoudbaar.

Kees (met zwart) speelt een bekende variant waarin hij twee pionnen offert, maar wit nog geen enkel stuk heeft ontwikkeld. Bij correct spel van wit zou dit een gelijkwaardige stelling opleveren, maar zijn tegenstander dacht én heel lang na én speelde het niet goed (wilde hij misschien te hardnekkig “de weerlegging” vinden?). Kees kwam uiteindelijk materiaal voor en had geen moeite om het punt binnen te halen.

Auke had het met zwart moeilijk tegen Diederick Casteleijn. Vanuit de opening kwam hij in de verdrukking op de damevleugel. Daar verloor hij veel tijd en toen switchte zijn tegenstander sterk naar de koningsvleugel met desastreuse gevolgen. Met een weliswaar onnodig maar zeer fraai stukoffer kreeg wit een onstuitbare aanval. Het mat was onafwendbaar en Auke gunde zijn tegenstander ook de uitvoering ervan.

Jan speelde met wit de opening niet optimaal en kwam licht in het nadeel. Maar nadat zijn
tegenstander iets te frivool met zijn torens omging, werden de bordjes fluks verhangen. Jan kreeg groot strategisch voordeel in het eindspel waar zijn tegenstander met lelijke structurele zwaktes te kampen had op de damevleugel. Dat leverde uiteindelijk twee pluspionnen op en dat maakte Jan vlot af.

Dit alles leverde dus een tussenstand van 4-3 in ons voordeel op. Alle ogen waren nu gericht op de partij van Rob, die opeens nog alle kanten op kon gaan.

Rob kwam met zwart best wel redelijk uit de opening, ondanks de – naar eigen zeggen – kreupele loper op b7. Maar op een gegeven moment kreeg wit toch wel behoorlijke druk op Rob’s koningsstelling. De stelling was echter enorm ingewikkeld en de kansen golfden op en neer en heen en weer. In wederzijdse tijdnood ontstond er een stelling waarin Rob twee lopers voor de toren had, maar wit beschikte over een geduchte pionnenwals op de koningsvleugel. Rob kreeg plotseling aanvalskansen over de witte velden, waardoor zijn loper dus van schlemiel de held werd! Helaas speelde Rob het niet optimaal (kan natuurlijk ook niet in tijdnood), hij kwam uiteindelijk wel een stuk voor maar toen werd de witte pionnenwals opeens onhoudbaar.

Zodoende eindigde dit bloedbad (‘no prisoners taken’) in een 4-4 gelijkspel. Voor Krimpen misschien ook onvoldoende, want die blijven in serieus degradatiegevaar.

Zo vlot als de heenreis verliep, zo langdurig was de thuisreis. De navi van Kees stuurde ons tientallen kilometers over smalle binnenweggetjes door uitgestrekte polders en het plassen/moerasgebied. Dit gevoel werd natuurlijk extra versterkt door het gegeven dat er drie nullen met Kees meereden …

Nu ook de uitslag van de concurrent RSR Ivoren Toren binnen is (winst op Erasmus), is het duidelijk dat we de kampioenstitel nu definitief kunnen afschrijven. Met nog één ronde te gaan en 2 matchpunten en 5 bordpunten achterstand is zelfs hopen niet realistisch meer. Heel jammer, twee ronden geleden zag het er nog zo rooskleurig uit!

De nieuwe Opgave van de Week staat klaar

Elke week staat er op de website een Opgave van de Week die je kunt proberen op te lossen. Op de clubavond op maandag wordt de oplossing bekend gemaakt en wordt onder de goede inzenders een prijsje verloot.

Opgave nr. 2026-11: Wat is de SLECHTSTE zet van wit?

Vanwege de meivakantie heb je de tijd tot uiterlijk zondag 10 mei om het antwoord in te zenden m.b.v. het antwoordformulier, je maakt dan weer kans op een prijsje.

Beperkt jeugdschaak in de meivakantie

De komende weken hebben de scholen meivakanties, echter zijn die vakanties niet op alle scholen tegelijk. Voor het jeugdschaak bij Messemaker betekent dit:

  • WEL schaken op maandag 20 april (maandagjeugd) en woensdag 22 april (woensdagjeugd)
  • NIET schaken op maandag 27 april (maandagjeugd) en woensdag 29 april (woensdagjeugd)
  • NIET schaken op maandag 4 mei (maandagjeugd)
  • WEL schaken op woensdag 6 mei (woensdagjeugd)

En verder voor de liefhebbers: het Openluchtschaak op de Nieuwe Markt gaat weer van start, op zaterdag 2 mei (openingsdag) is er vanaf 13.00 uur een toernooitje in de openlucht waar iedereen aan kan deelnemen. Zie ook het bericht elders op deze website.

Wij wensen iedereen alvast een fijne meivakantie.

Messemaker KNSB-team 1 gedegradeerd: hoe is het mogelijk?

(door Rob van de Walle)

Of moet de titel luiden: ‘Eerste kampioen in de 4 e klasse seizoen ’26 – ’27 bekend’?

Een half bordpunt te weinig om ons te handhaven: dat is de zure conclusie die we moesten trekken na de nederlaag van 4 ½ – 3 ½ ( de derde keer dat we deze uitslag maakten) tegen HWP Sas van Gent 2. We wisten aan het begin van het seizoen dat na het vertrek en afzeggen van enkele sterke spelers het moeilijker zou worden, maar dit was toch echt onnodig. De onverwachte nederlaag tegen (het toen op de laatste plaats staande) Goes in de vorige ronde, waar toen opeens van alles mis ging, heeft ons toch genekt.

Zeeuws-Vlaanderen, dat is toch een andere wereld. Waar we hier in het Westen het vaak moeten doen met rommelige buurthuizen met fanfarekorpsen in een belendende zaal en koffie uit een thermosfles, was Sluiskil een verademing. Veel parkeergelegenheid, een prachtige ruime speelzaal, een goede bar en analyseruimte. Ikzelf zag het helemaal zitten en zeker na een analyse van de ratings: dit moet lukken. Maar het liep anders.

Op bord 8 was Kees als eerste klaar. Kees liet toe dat de h-lijn open ging (zijn tegenstander had nog niet gerokeerd) en kreeg een aanval op zijn koning over zich heen. Na het verliezen van de h-pion was het snel voorbij.

Sjoerd op bord 1 kon spelen tegen de geïsoleerde d-pion van zijn tegenstander, maar overzag een trucje waardoor hij twee paarden tegen een toren won, maar ook nog een pion verloor waarbij zijn tegenstander zeer actieve torens had. Hij wist het nog net remise te houden.

Scott op bord 7 speelde een puike partij. Nimzo-Indisch waarbij een paard van zijn tegenstander op c3 belandde en gedekt moest worden met een pion op d4. Scott wist goed de druk erop te houden. Achteraf bleek het allemaal theorie te zijn geweest. Zijn tegenstander moest nauwkeurig spelen en vergaloppeerde zich toen hij zijn paard naar g4 speelde, terwijl zijn loper al op h3 stond. Scott maakte het keurig af. De stand was weer gelijk.

Ondertussen zag het er op de andere borden niet goed uit. Zoals gewoonlijk dit seizoen, stond Auke goed, maar Peter had een dode remisestelling (daar had ik toch op een vol punt
gerekend), Erik stond vanaf de opening al slecht en Jan overzag een standaard truc in een stelling waarbij (ook alweer) zijn tegenstander een geïsoleerde d-pion had: paard op e5, dame op e2, toren op e1 en dan slaan met het paard op f7. Bernard had een gelijke stelling. Hierdoor zag het er al met al slecht uit.

Ondertussen was Auke klaar. Hij had de afwikkeling van het middenspel beter beoordeeld dan zijn tegenstander en kwam in een D+2T eindspel waarbij hij met zijn torens op de 7 e rij kwam, twee pionnen won en uiteindelijk kon kiezen op welke manier hij de genadeklap ging uitdelen.

Jan had zich herpakt en wist van nog van niets iets te maken en leek zelfs te kunnen winnen. Bij het bord staande zagen we allemaal niet hoe wit zich nog kon redden, maar de witspeler vond de enige zet die niet verloor en slaagde erin de dames te ruilen, waarna het uit was.

Erik kwam uit de opening verkrampt te staan met twee passieve lopers en een kreupel paard. Hij offerde een pion op de damevleugel om ruimte te krijgen, waar zijn tegenstander niet op in ging, zodat hij daar niets bereikte. Toen offerde hij een paard tegen 2 centrumpionnen om zich te bevrijden, maar afgezien van dat zijn tegenstander een open koningsstelling had, waren er weinig aanknopingspunten. Toch leek Erik er nog iets van te kunnen maken, dreigde met twee verbonden vrijpionnen, maar zijn tegenstander verdedigde goed en trok de partij uiteindelijk naar zich toe. Als niet-spelend teamlid leer je nog wat over je collega’s: dat handschrift van Erik. Totaal onleesbaar! Moest ik elke keer omlopen om te zien wat zijn tegenstander had genoteerd om de partij goed te kunnen volgen.

Bleven over de partijen van Peter en Bernard. Peter kreeg Hollands tegen zich waarbij zwart er eerst in slaagde e5 te spelen en daarna ook zijn zwakke d-pion te ruilen. De stelling was helemaal dood. Achteraf bleek er voor Peter nog iets in gezeten te hebben:

Ome Fritz geeft een fantastische variant vanuit deze stelling: 1.Pe6 Txd2 2.Txd2 Da5 3.Lxg7+ Kg8 4.b4 Dxb4 5.Td4, waarna zwart het beste voortzet met 5…Te8 6.Txb4 Pxb4 met een waardering van +0.80. Tja dat moet je ook maar zien.

Peter probeerde er in het eindspel nog iets van te maken, maar zijn tegenstander verdedigde goed, waardoor het remise werd.

En dan bleef, met de stand 4-3 nog de partij van Bernard over. De dames waren er in de opening al afgegaan en er ontstond een eindspel waarbij Bernard een 2-1 meerderheid op de damevleugel had, maar de koning en paard van zijn tegenstander waren daar succesvol aan het rommelen. Er was niets van te maken en Bernard moest berusten in remise. De degradatie was een feit. En dan moet je nog twee uur terug in de auto hè.

Geen poule-winst voor Messemaker op finaleavond Groene Hart Jeugd Cup

(door Peter Scheeren)

Voor de finaleavond van de Groene Hart Jeugd Cup werden alle teams ingedeeld in poules afhankelijk van de resultaten van de vorige zes speelavonden (uitgedrukt in zgn. Finalepunten). Voor Messemaker 1 betekende dat poule 3, voor Messemaker 2 poule 7.

Poule 3 was echt wel een sterke poule en Messemaker 1 had het dan ook niet gemakkelijk. Het team behaalde een score van 4 punten (uit 12 partijen) en eindigde daarmee derde, op grote afstand van de nummers 1 en 2. Team 2 deed het in poule 7 aanzienlijk beter en werd met 7,5 punten tweede, vlak achter de poulewinnaar (Klim-Op 3). Vermeldenswaard is nog dat Delano op zijn verjaardag (!) alle drie zijn partijen won.

In tegenstelling tot vorig jaar was er dit jaar dus geen sprake van poule-winst voor Messemaker. Maar desondanks was de avond zeer geslaagd en bovendien kregen alle spelers een medaille mee naar huis.

Alle uitslagen en eindstanden zullen spoedig worden gepubliceerd op de GHJC-website. Volgend jaar zal er weer een Groene Hart Jeugd Cup competitie zijn en zal Messemaker zeker weer met enkele teams daaraan deelnemen.