Verslag ronde 3

Vechtlust royaal beloond

Eindelijk laat derde team de tanden zien
Het heeft even geduurd, maar in de derde competitieronde liet het derde achttal de remmen dan toch los. Na de ongelukkige start werd het vierde team van RSR Ivoren Toren het slachtoffer van verbeten vechtlust. Echt soepel ging dat overigens niet, al suggereren de cijfers (6-2 via vier overwinningen en vier remises) dat wel. ok het scoreverloop oogde goed (4-1 na drie uur spelen), maar er moest heel hard aan worden getrokken om het Goudse ratingoverwicht tot uitdrukking te brengen. Dat dat uiteindelijk wel lukte, was te danken aan de keeperskunsten en counterkwaliteiten van onder anderen Leen de Jong, Diko Kalkdijk en Bert Vlot.

Spelen in het NIVON-centrum, de thuisplaat van de ontvangende vereniging, is iets bijzonders. Bijna alles is mis aan het oude pand. Geen lift, maar wel trappen. Consumpties op de begane grond, wat het aanvoeren van koffie naar de speelzaal tot een heksentoer maakt. De aanvankelijke warmte in het speellokaal maakt halverwege de avond plaats voor bittere kou. Ook de temperatuur op de verouderde toiletten (deur op een haakje, alleen koud water uit het fonteintje en zelfs de rollen toiletpapier hangen verkeerd) laat sterk te wensen over. Verder is de gehorigheid een kwelling. Krakende vloeren, krijsende jeugdspelers die een vorm van ‘tikkertje’ in de gangen lijken te spelen en tot overmaat van ramp de geluiden van een repeterende rockband-met-dreunende-beat…..

Het moet gezegd: de gastheren gedroegen zich voorbeeldig. De ontvangst was hartelijk en op ons dringend verzoek werd bij het welkomstwoord géén melding gemaakt van de tussenstand in het klassement van 2C. Ook het verlies werd manmoedig gedragen, vergezeld van de woorden: "We hadden tevoren al met een nederlaag rekening gehouden. Gefeliciteerd en veel succes verder."

Leen de Jong
Het lijkt wel of toekomstige tegenstanders teamverslagen gebruiken om zich voor te bereiden. Ik kreeg dezelfde Siciliaanse opening op het bord als in mijn eerste externe partij. Svesjnikov met weer de manoeuvre 4. …. e5; 5. Pb5, a6; 6. Pd6+, Lxd6; 7. Dxd6 zonder de gebruikelijke (tussen)ontwikkeling 4… Pf6; 5. Pc3. Hierover was ik niet ontevreden. Na. 7… Df6; 8. Dd1, Dg6; 9. Pc3 kwam er een stand op het bord die ik wel eens had bekeken als wapen voor zwart. De te spelen zet is 9. …d5 met een scherpe stelling die wit in het voordeel kan brengen als hij telkens de goede zet doet. Helaas speelde zwart 9. …, Pf6. Wat nu? De enige zet om voordeel te behouden (10. Dd6!) heb ik in een half uur niet kunnen vinden. Het gespeelde 10. Le3, d5!; 11. Pxd5, Pxd5; 12. Dxd5, Le6; 13. Dc5 heb ik (achteraf) nog in een partij (ratings rond 2.400) kunnen vinden. Hier kon wit het na 13. … Dxe4; 14. f3 nog net houden. Na het betere 13. …, Tc8!; 14. Da3, Dxe4; 15. f3?, Db4+ was de stand ineens hopeloos. Met een pion achter en de dreiging er nog meer te verliezen, waren er een paar onnauwkeurige zetten van zwart nodig voor een eindspel met ongelijke lopers. Derhalve remise op de 34e zet.

Marcel van Oort
De seizoensstart was wat stroef voor mij, maar inmiddels begint de routine zijn werk weer te doen. Dit keer kwam er een mooie Najdorf op het bord. Met wat verwisseling van zetten kwam ik – maar dat moest ik thuis even checken – in een variant die ik volgens mijn eigen theorie graag wil spelen. Al snel stond ik zeker niet minder, even moest ik uitkijken, maar direct nadat mijn tegenstander blij was dat hij mijn mooie loper op g7 had geruild, kon ik met een simpele dubbele aanval een pion peuzelen. Langzaam maar zeker kwam die pion steeds meer uit de verf, moest ik even een matgrapje van mijn tegenstander ontwijken en kon vervolgens een onvermijdelijke promotie creëren. Aldus mijn eerste punt voor het derde.

Henk van der Wösten
Mijn tegenstander had zijn twee vorige partijen in winst weten om te zetten en daar ik zelf 1,5 uit 2 had gescoord beloofde dit dus een stevige partij te worden, wat ook uitkwam. Na 1. e4, e5; 2. Pf3, Pc6; 3. Lc4, Pf6; 4. d4, exd4; 5. 0-0 speelde mijn tegenstander het voorzichtige d6 i.p.v. Pxe4, wat tot ingewikkelde stellingen zou leiden. Na het paard op c6 geslagen te hebben kreeg zwart een dubbelpion op de c-lijn, maar de open b-lijn kwam daarvoor in de plaats. Langzaam maar zeker moest ik wat terrein prijsgeven en kreeg Leo van Dongen een iets betere stelling met een uiterst vervelend paard op e4, dat ik uiteindelijk tegen mijn loper kon afruilen. De stand was weer in evenwicht met druk van zwart op mijn koningsstelling, terwijl ik met mijn zwartveldige loper en mijn dame de zwarte pionnen op de damevleugel onder druk kon houden. Een doorbraak van zwart door het midden kon (net) worden verhinderd en zo ontstond een dynamisch evenwicht met lopers van ongelijke kleur. Gezien de stand van ons team bood ik remise aan, wat logischerwijs werd afgeslagen. Volgens mijn inschatting kreeg ik daarna een klein voordeel met een vrijpion op de damevleugel en een meerderheid op de koningsvleugel. Daar stonden twee verbonden pionnen van zwart tegenover, die echter door mijn zwartveldige loper niet konden oprukken. Een remiseaanbod van mijn tegenstander sloeg ik af, maar even later moest ik toch in remise berusten. Analyse thuis van de laatste stand op het bord gaf aan dat er voor beide partijen niet meer inzat dan remise.

Diko Kalkdijk
(Onze topscorer zag geen kans om tijdig input voor dit verslag te leveren. Uw verslaggever maakt bij het volgende gebruik van zijn eigen waarnemingen). De man – tussenscore 2 uit 2 - die had ingestemd om voor deze wedstrijd bord zes te verruilen voor bord vier, liet zich verrassen door een paardzet naar h4. Dat betekende afruil van een ingesloten loper met een ernstige verzwakking van de stelling. Inventief als altijd slaagde Diko erin om complicaties op het bord te krijgen en wat pionnen voor een stuk binnen te harken, maar zijn pionnenformatie was zó broos dat zijn teamgenoten het ergste vreesden. Zijn opponent speelde gelukkig weinig nauwkeurig en onze vechtjas slaagde erin om een half punt uit het vuur te slepen en zo het eerste matchpunt zeker te stellen (1-4 tussenstand).

Henk de Kleijnen
Met de schrik van de vorige ronde nog in de benen koos ik ervoor om de partij heel voorzichtig op te zetten. Mijn opponent speelde degelijk en kreeg het met een (schijn) pionoffer voor elkaar om me te dwingen met uiterste precisie en gebruik van veel bedenktijd de ‘zaak’ bij elkaar te houden. Na het initiatief weer over te hebben genomen slaagde ik erin om de zwarte dame in te sluiten. Hoewel de ontstane materiaalverhouding (dame + pion tegen toren en paard) voordelig was, moest ik enkele venijnige dreigingen pareren alvorens het volle punt kon worden geďncasseerd.

Kees Vermijn
Ik speelde met zwart een leuke (in)spannende Schotse partij. Ik kwam redelijk uit de opening, maar moest oppassen voor een gevaarlijke aanval met f4 en de witte loper op b3. De zet f4 wist ik te voorkomen en daardoor had ik een ijzersterk paard op e5. Nadat ik de gevaren op de damevleugel had opgelost keerde het tij en kon ik aan aanvallen gaan denken. Ik kon zijn pion op c3 veroveren en daarna zelfs zijn dame voor een toren, loper en pion. Aangezien zijn pion op d5 dan erg gevaarlijk zou kunnen worden (toren erachter en het loperpaar) zag ik daarvan af en besloot ik de torens op de c-lijn te verdubbelen. Na toren- en dameruil leek het eindspel met een pion meer toch niet zo gemakkelijk te winnen, echter na de blunder Lh6-c1 kon ik eenvoudig met Ta3-a1 zijn loper pennen (en winnen na Lc3-d2 of b2) en gaf hij op.

Bert Vlot
Ik pakte de opening tam aan met de gedachte ik zie wel wat mijn tegenstander van plan is. Hij toonde ook niet veel ambities, waardoor ik wat scherper begon te spelen. Het resultaat was dat ik meer en meer onder druk kwam te staan. Een plan om tegenspel te bieden had ik niet en zou ik er een gehad hebben, dan had ik geen tijd om eraan te beginnen. Ik verloor een pion, maar won die weer terug toen mijn tegenstander de h-lijn opende. Ik was er op tijd bij om een eventuele aanval te stoppen, maar de zwarte dreigingen bleven. Na afruil van stukken bleef een eindspel over van T+P+vijf pionnen (wit) tegen T+L+vijf pionnen (zwart). Ik verloor opnieuw een pion, maar kon een vrijpion forceren. Zwart wandelde met zijn koning mijn stelling binnen, maar mijn a-pion leek onstuitbaar. Alles wikkelde zich af in tijdnood voor beide partijen. Uiteindelijk vluchtte mijn tegenstander in herhaling van zetten, waarmee deze enerverende partij in remise eindigde. Nadat de vrede getekend was toonde een teamgenoot van mijn tegenstander aan dat zwart een simpel ondekbaar mat had kunnen forceren. Tja, soms gaat het goed, soms gaat het fout. Dit keer ging het goed…. voor mij.

Eelko de Groot
Trillend van de kou en hoofdpijn van de rockband die een verdieping lager aan het oefenen was, of was het toch mijn gesteldheid, snotterend en tegen de koorts aanzittend. Niettemin was ik de eerste die een punt kon binnenslepen. Mijn tegenstander deed alles om niet de Franse opening te spelen. Hij biechtte later op dat hij de meeste varianten daarvan niet kent. Dus werd de pion op d5 geruild en zette hij zijn aanval op via de open e-lijn. Met de koning veilig aan de lange kant kon ik mijn pijlen richten op zijn koningsvleugel. Veel ruimte kreeg ik niet, want wit bereidde een gevaarlijk loperoffer op a6 voor. Ik moest de dame van de diagonaal afhalen om mat te voorkomen. Met een iets te enthousiaste zet verloor ik een van mijn lopers tegen twee pionnen. Wel kreeg ik de open f-lijn erbij cadeau. Vanaf hier begin wit onzorgvuldiger te spelen. Met dameruil kon ik wits toren van de onderste rij weglokken, waarna ik via toren f1schaak twee stukken terugwon. Nu stond ik een loper voor. Even later, vlak voor ik weer een pion kon winnen, gaf wit op.

   RSR Ivoren Toren 4      1650 - Messemaker 1847 3       1784 2  - 6
1. Paul Dekker             1717 - Leen de Jong            1941 ˝  - ˝
2. Arrian Rutten           1726 - Marcel van Oort         1849 0  - 1
3. Leo van Dongen          1696 - Henk van der Wosten     1798 ˝  - ˝
4. Wouter Scheffer         1595 - Diko Kalkdijk           1752 ˝  - ˝
5. Wijnand Dobbinga        1637 - Henk de Kleijnen        1777 0  - 1
6. Martin Jaspers Focks    1625 - Kees Vermijn            1779 0  - 1
7. Brian van Kanten        1526 - Bert Vlot               1734 ˝  - ˝
8. Ed van Doorn            1681 - Eelko de Groot          1639 0  - 1